Navigatie menu
zoeken
Onrealistische analyse van parkeerdruk nieuwe Museumhotel
Onrealistische analyse van parkeerdruk nieuwe Museumhotel
 BEWONERS ZUIDELIJKE BINNENSTAD  Onrealistische analyse van parkeerdruk nieuwe Museumhotel

Bewonersbijdragen

Door Frank van Rooij | 1 maart 2022

Op 22 februari was ik aanwezig bij een informatiebijeenkomst over het nieuwe Museumhotel aan de Lange Nieuwstraat. Tot 10 maart kunnen bewoners en andere belanghebbenden hun zienswijze over het ontwerpbestemmingsplan en de ontwerpomgevingsvergunning bij de gemeente indienen. Als bewoner in de buurt van dit nieuwe hotel ben ik zeer geïnteresseerd in deze plannen en de impact hiervan op de zuidelijke binnenstad.

Zorginstelling Altrecht heeft een aantal jaar geleden een deel van haar panden verkocht aan projectontwikkelaar VORM Ontwikkeling. Een deel van de monumentale gebouwen op de hoek Lange Nieuwstraat/ Agnietenstraat zal gebruikt worden voor de uitbreiding van het Nijntje museum. Het deel aan de Lange Nieuwstraat krijgt een nieuwe bestemming als Museumhotel met 84 kamers. Deze kamers passen niet in het bestaande gebouw. Achter de huidige bebouwing zal dan ook nieuwbouw gerealiseerd worden

De ontwikkeling van deze panden juich ik van harte toe. De panden staan al langere tijd leeg en een nieuwe (maatschappelijke) bestemming zou een versterking kunnen zijn van de huidige ontwikkelingen in museumkwartier, zoals de verbouwing van het Universiteitsmuseum en de uitbreiding van het Nijntje museum. Ook een bestemming als hotel in het hogere segment zou hier goed in kunnen passen.

museumhotelinkie Echter een belangrijk heet hangijzer voor mij en andere aanwezigen op de informatieavond betreft de impact van het hotel op de parkeerdruk in dit gedeelte van de stad. Aan de zuidkant van de binnenstad zijn in vergelijking met de noordwestelijke kant van de binnenstad weinig parkeervoorzieningen. De enige openbare parkeergarage in dit gebied ligt bij station Vaartsche Rijn (1,7 km, 20 minuten lopen). Gemeentelijk beleid heeft ervoor gezorgd dat het aantal parkeerplaatsen op straat de laatste jaren verminderd is en deze ontwikkelingen zullen zich in de toekomst versterkt voortzetten (zie o.a. het voornemen om de Oudegracht autovrij te maken)

Voor het bestemmingsplan en omgevingsplan is een analyse gemaakt over de parkeerbehoefte. Hiervoor heeft de gemeente de parkeernorm gehanteerd die onderdeel zijn van de gemeentelijke Parkeervisie. De parkeernormen voor een hotel in de binnenstad zijn 0,83 parkeerplekken per 10 kamers. Dit betekent dat de parkeernorm voor het gehele hotel 7 parkeerplaatsen zou zijn. Voor de uitbreiding van het Nijntje museum gaat de gemeente uit van 1,6 parkeerplaatsen. Vervolgens heeft de gemeente dit aantal vergeleken met het aantal parkeerplaatsen dat op basis van de oude bestemming Ziekenhuis als parkeernorm gehanteerd zou worden. De parkeernorm voor een ziekenhuis in de binnenstad is 0,83 plekken per 100 m2. Dat zijn 19 plekken in dit geval. Op basis van deze normen komt de gemeente tot de conclusie dat het aantal benodigde parkeerplaatsen voor deze nieuwe bestemming gaat afnemen van 19 naar 9, en dat er dus geen aanvullende maatregelen noodzakelijk zijn.

museumhotelblog
© Luuk Huiskes

Op deze conclusie is veel af te dingen. Op de eerste plaats zegt de parkeernorm niets over de werkelijk te verwachten parkeerdruk. Je kunt wel willen dat minder dan 1 op de 10 kamers met de auto komt, maar dat lijkt mij volstrekt niet realistisch. Ook de verwachting dat bezoekers die met de auto komen, gaan parkeren in de parkeergarage Vaartsche Rijn lijkt mij niet aannemelijk. Veel bezoekers zullen proberen om dichterbij te parkeren, om een wandeling van 20 minuten met bagage te vermijden. Daarnaast wordt het aantal te verwachten parkeerplekken vergeleken met de oude bestemming ‘ziekenhuis’. Altrecht heeft als instelling voor specialistische geestelijke gezondheidszorg veel minder bezoek dan een regulier ziekenhuis. Daarbij worden deze gebouwen al geruime tijd niet gebruikt als ‘ziekenhuis’. De theoretische vergelijking van 19 parkeerplaatsen in de oude situatie ten opzichte van 9 parkeerplaatsen in de nieuwe situatie gaat dan ook volkomen mank. De vergelijking met een theoretische situatie van enkele jaren geleden negeert ook alle andere recente ontwikkelingen in dit gebied die al geleid hebben (succes van Nijntje museum) of zullen gaan leiden (verbouwing Universiteitsmuseum) tot een grotere parkeerdruk.

Het is denk ik realistischer om te verwachten dat de parkeerdruk in de nieuwe situatie significant hoger zal zijn dan in de huidige situatie. Dit zal serieuze negatieve gevolgen (zoals toenemend zoekverkeer) hebben voor de leefbaarheid van dit deel van de stad. Het is dan ook onbegrijpelijk dat de gemeente geen analyse heeft gemaakt van de werkelijk te verwachten parkeerdruk, op basis waarvan een realistische inschatting kan worden gemaakt van de benodigde maatregelen.

Om misverstanden te voorkomen nog een persoonlijke noot. Ik ben een sterk voorstander van het terugdringen van het autoverkeer in de binnenstad. Ik wijs strengere parkeernormen dan ook niet per se af. Dit moet echter wel gebaseerd zijn op realistische analyses en geen theoretische berekeningen die geen enkele relatie hebben met de werkelijke situatie.


Gerelateerd artikel

 

BUURTCOMITE

Het Buurtcomité Twijnstraat en omstreken bestaat uit betrokken bewoners uit straten in de buurt, van de Oudegracht tot de Nicolaasstraat, en bestrijkt het gebied Oudegracht van Vollersbrug tot Bijlhouwersbrug, het "Ledig Erf", Bijlhouwersstraat, de Twijnstraat met haar zijstraten, zijstegen en hofjes, tot het Nicolaaskerkhof. Het Buurtcomité probeert al 20 jaar de buurt schoon, heel, veilig en aantrekkelijk te houden, naast het organiseren van meer sociale zaken.

Zij doet dit onder andere door het in het openbaar overleggen, het uitgeven van een buurtkrantje, het ondersteunen van de kindervrijmarkt op Koningsdag, de buurtbarbecue en buurtborrel. Gelet op corona, ligt een deel hiervan nu stil. Verder houdt het Buurtcomité de gemeente scherp, door haar kritisch te bevragen bij ontwikkelingen die belangrijk zijn voor de buurt, maar ook constructief mee te denken en te werken.
Op dit moment werkt het Buurtcomite aan een Stolpersteineproject.

 

Gedenktekens voor vermoorde Joodse bewoners Twijnstraat e.o.

Door buurtbewoner Ineke Inklaar | 4 mei 2021

Voor tien Joodse buurtbewoners die in de oorlog zijn weggevoerd en in een kamp zijn omgekomen, heeft de groep Stolpersteine in en om de Twijnstraat struikelstenen aangevraagd. In de stoep komen dan messing plaatjes waarin de naam, geboortedatum, deportatiedatum, plaats en datum van overlijden zijn gestanst.
De gedenktekens horen bij Pelmolenplantsoen 6 voor Ernst Julius Cohen, Oudegracht 411 voor Joël van Tijn, Bijlhouwerstraat 1 voor Ludwig en Johanna Dannheiser en Twijnstraat 16-bis voor David en Santje Meiboom, Rachel Walg-Meiboom, Sara Meiboom-De Vries en voor Marcus en Isak de Vries.

QR-code
Stolpersteine is een internationaal project van de Duitse kunstenaar Gunter Demnig. Inmiddels liggen er in heel Europa al tienduizenden monumentjes; nog steeds worden nieuwe aangevraagd.
Het idee van de Twijnstraatgroep is om aan de struikelstenen in het zuidelijke Museumkwartier een stoeptegel met QR-code toe te voegen. Wie die scant, komt terecht op een site met meer informatie en zelfs foto’s van de voormalige bewoners. De hoop is dat de stenen volgend jaar rond Dodenherdenking kunnen worden geplaatst.
Initiatiefnemer is Robin van Essen, bewoner van Twijnstraat aan de werf. Hij raakte als jongere onder de indruk van het Achterhuis van Anne Frank; in 2017 hoorde hij tijdens de Open Joodse Huizenroute kleinzoon Ernst Verloop vertellen over zijn grootvader, professor Cohen. Deze hoogleraar scheikunde werd in 1944 in Auschwitz vermoord.
Sindsdien doet Van Essen onderzoek naar de gedeporteerde oud-buurtgenoten. Het project groeit door zwaan-kleef-aan. Inmiddels zijn buurt-ondernemers en -bewoners aangehaakt. Streven is om het nabijgelegen Luzac en de Agatha Snellenschool er ook bij te betrekken. Crowdfunding zou de benodigde financiering – 1500 euro voor tien stenen – moeten opleveren.
 
Nabestaanden
Met zijn partner Jelle Raap speurt Robin naar nabestaanden van de Joodse kampslachtoffers. Zo hebben de twee een kleinzoon van de Dannheisers achterhaald in Amerika.
Van Joël van Tijn, de zoon van de huismeester van het Centraal Israëlitisch Weeshuis aan de Nieuwegracht, is weinig bekend. Maar inmiddels hebben ze contact gelegd met verre familieleden die meer kunnen vertellen. Ook nabestaanden van de families Meiboom en De Vries is het duo nog niet op het spoor. 
https://www.stolpersteineinenomdetwijnstraat.com/

< naar blogs-overzicht

Scrhijf je in voor de nieuwsbrief
Eerder verschenen papieren uitgaven
Nobelbuurt
Breedstraatbuurt
Pandhof Sinte Marie