
Hardebollenstraat
HARDEBOLLENSTRAAT – Voorbijgangers dwalen nieuwsgierig van winkel naar winkel. Bankjes nodigen uit even in het zonnetje te zitten. Moeilijk voor te stellen dat deze zijstraat van de Voorstraat jarenlang om heel andere reden drukbezocht was: de enige plek in Utrecht met raamprostitutie. Sinds de gemeente in 2016 daar een eind aan maakte, heeft de Hardebollenstraat een opvallende transformatie doorgemaakt.
Er kwamen nieuwe ondernemers; één van hen is Vanessa Bronzina. Zij begon zeven jaar geleden de Italiaanse lunchzaak Life’s a Peach. Een naam met een bijna (onbedoeld) ironische betekenis op deze locatie. Hoewel het gezellige straatje in niets meer doet denken aan de periode van tientallen jaren sekswerk, is Vanessa zich zeker bewust van de geschiedenis van deze straat. ‘Ik vond het leuk om subtiel en speels elementen terug laten komen die hieraan doen denken’.
Bijvoorbeeld de lampenbollen bij het raam aan de straat die, als het wat donkerder is een warmrood licht geven. Een kleine knipoog. Op de wc is een kleurrijke illustratie te zien met een schaars geklede dame, omringd door perziken – een verwijzing naar de historie en naam van de zaak.
‘Ik vind het belangrijk dat niet alleen de historie te zien is, maar ook de herinnering aan de vrouwen zelf. Het is nu een gezellige, knusse straat. De hele buurt is enorm veranderd ten goede, maar ik vraag me wel eens af: waar zijn deze vrouwen gebleven? Zijn ze op een goede plek terechtgekomen? Hier stonden ze in het zicht, nu zijn ze onzichtbaar’.
Oma
Buurtbewoner Diana Bousché woont al ruim 30 jaar in de straat en heeft het allemaal voorbij zien komen. In tegenstelling tot veel andere bewoners, heeft zij er nooit veel problemen mee gehad. ‘Tja, misschien is het anders als je een koophuis hebt, maar ik vond het juist gezellig! Onder mijn appartement werkte twee meiden met wie ik vaak kletste. Verderop ging ik ook wel eens buurten. Het waren vriendelijke vrouwen, met een eigen leven en soms een gezin. Er was zelfs eentje oma. Die liet dan trots foto’s zien van haar kleinkind’.
De overlast waar de buurt mee te maken had kwam niet zozeer van de sekswerkers, maar van klanten, de uitbaters, drugsverslaafden of dronken mensen vanuit de stad. ’Soms als ik op mijn balkon zat, riep er wel eens een kerel iets omhoog, maar dan riep ik gewoon terug: “Je moet beneden zijn!” Als je in de stad woont moet je niet zo moeilijk doen over dingen, vind ik. En bovendien zat er 24/7 een bewaker in de straat, dus het voelde veiliger dan in sommige andere delen van Utrecht’.
Het vertrek van de sekswerkers was niet geheel onverwacht, maar kwam toch abrupt. Diana: ‘Van de ene op de andere dag waren ze weg. Ik kwam thuis van mijn werk en alle panden waren leeg. Toch gek, als je zo lang buren bent geweest. Ik vind het wel jammer dat ik niet weet wat er met de vrouwen gebeurd is en waar ze naartoe zijn gegaan’.
Badkuip
Een paar meter verderop, bij de Little Beershop, is een foto in het hoekje van het raam het enige wat nog zichtbaar herinnert aan het straatbeeld met roodverlichte ramen. Eigenaar Fred Buddingh, die buiten staat te buurten met vaste klant Hans, vindt het wel een leuke touch. ‘Soms vragen mensen ernaar. Het is toch een stukje van de geschiedenis. De laatste rosse buurt van Utrecht’.
Veel meer dan die foto zie je niet terug in de winkel vol kleurrijke speciaalbiertjes. Fred: ‘Ik koos deze plek vooral omdat de omvang perfect is. Er stond wel een bad toen wij erin kwamen, maar die hebben we weggehaald. Niet echt praktisch, midden in een winkel’.
‘De historie gaat veel verder hè, dan die sekswerkers’, pareert Julian Cleton de vraag of er in zijn wijn- en theewinkel De Vinotheek iets daarvan terug te zien is. ‘Dit is een monumentaal pand met honderden jaren historie. Ooit was dit de garage van de lokale postkoets. En wist je dat hier ook het eerste Chinese afhaalcentrum van Utrecht zat?’
Wat Cleton betreft hoeven we niet per se terug te kijken op hoe die laatste decennia waren. De wijnwinkel is relatief nieuw, maar hij werkt al dertien jaar in wijnbar VinVin, om de hoek, waarvan hij nu de eigenaar is.
‘Het was grimmig in die tijd. De naalden lagen overal. En of de dames er vrijwillig zaten, was omstreden. Het is toch veel leuker om te focussen op hoe het nu is? Het is zó’n leuke straat geworden! De lekkerste lunchtentjes zitten hier, een echte bierwinkel, twee steengoeie pizzeria’s en de beste wijnwinkel… vind ik zelf natuurlijk’, zegt hij met een glimlach.
‘We kennen elkaar allemaal, groeten elkaar en helpen elkaar. Je kan veel zeggen over deze straat; er is vooral heel veel liefde!’
Foto: Stan Westerveld