Wat verdween uit Utrecht (6 t/m 10)

Utrecht heeft altijd afscheid moeten nemen van gebouwen en plekken. Soms was dat eeuwig zonde, soms moest het zo zijn. Voor Het Utrechts Archief stelde Bert van den Hoed een Top 10 samen.
(elke week een nieuw deel, hier deel 6 t/m 10)

 

 

6. DE GASFABRIEK – ER IS LEVEN NA DE DOOD


6 b1 Griftpark overzicht
De Gemeentelijke Gasfabriek in 1912 rand Stadsbuitengracht
bij Wittevrouwensingel
(Tekening E.F. van de Waereld
Het Utrechts Archief)

6b2 Gasfabriek Overzicht Otten
De gasfabriek en de Blauwkapelseweg in 1960 vlak voor de sluiting
Copyright DPG (Foto Utrechts Nieuwsblad - Cees Otten)
 

Wat een stinkfabriek die er honderd jaar lang een onopruimbare rotzooi van heeft gemaakt heeft te zoeken in een top 10 van betreurde stadsplekken is een donker verhaal. Maar het loopt wel goed af.

Wie wil weten of er leven is na de dood, moet op een mooie zondagmiddag maar eens naar de Kleine Singel afreizen met in het hoofd de foto die UN-fotograaf Cees Otten rond 1960 maakte van de Blauwkapelseweg. Je ziet de gasfabriek in zijn laatste dagen. Het ziet er ergens nog wel ordentelijk uit. De kolen liggen in geduldige heuveltjes te wachten achter de lage muur. Langs de brede trottoirs staan zelfs bomen waar blaadjes aan zitten. Niets wijst op het uitbreken van een vuile oorlog.

Het had ook nog wel iets stoers, zo’n fabriek middenin de stad. Daar hadden we sowieso maar weinig van, Utrecht was meer van de handel en de levensverzekeringen. We hadden wel wát industrie: drukkerijen, sigaren-, mosterd- en broodfabrieken, brouwerijen en ander klein bier. En echte staalindustrie natuurlijk, met Werkspoor en Demka als de grootste.



6b3 Griftpark Biltse Grift
Natuurbad in de Biltse Grift 1920 tweehonderd meter vanaf
de Gasfabriek
(Foto Het Utrechts Archief)

Maar voor de metaalgiganten naar Utrecht (eigenlijk Zuilen) kwamen, was de gemeentelijke gasfabriek de belangrijkste industriële werkgever van de stad. Met een eigen spoorwegverbinding (dwars door de latere achtertuinen van Tuindorp) en een haventje in de Biltse Grift. In diezelfde Biltse Grift was er een paar honderd meter verderop tot 1927 zelfs nog een zwembad in natuurwater (foto2).

BENZOL
In datzelfde jaar is van de Biltse Grift de foto (3) gemaakt achter de schermen van de lage muur en de keurige kolenheuveltjes. Rechts is een stukje te zien van de benzolfabriek waar werd gewerkt met zwavelzuur, cyanide, koolteer, ammoniak.



6b4Gasfabriek Biltse Grift 1927
De Biltse Grift met rechts de Benzolfabriek
(Foto Het Utrechts Archief)

Er dreef origineel Bilts Benzol op het water. Wie zich met een kano op de Grift waagde, werd geadviseerd niet met de handen in het water te komen. Een kanovaarder vertelde in 1953 nog dat, toen hij zijn kano op het droge trok, de verf eraf was, tot de waterlijn.


De gasfabriek en aanverwanten maakten er in 100 jaar een achteloze puinzooi van, zo kunnen we het wel samenvatten. Je kunt niet beweren dat niemand het heeft geweten, wel dat niemand ermee leek te zitten. Het zwarte gruis waaide de wijken in en zakte bij regen gezellig de bodem in, waar het uiteindelijk een kolossale teerlaag zou achterlaten. Maar ach. Waar het stonk, werd gewerkt. Lawaai, naftaline, ieders schoorsteen rookte ervan.

SUDOKU
In 1960 was het gedaan met het gemeentegas en begon Utrecht monter na te denken over een nieuwe bestemming van het terrein. Dat werd nog een hele sudoku, want alles had weer eens met alles te maken. Bovendien was Utrecht net begonnen met groots denken.

De omliggende wijken waren in slechte staat en konden maar beter plaats maken voor mooie, brede wegen. Daar kon je niet alleen singels mee dempen, maar ook grote delen van Wittevrouwen en de Vogelenbuurt mee doorboren, tot aan de Neude toe. Het werd de hoogste tijd voor een rotonde op de Kleine Singel.


 

6b5 Griftpark kinderen
Kinderen uit Wittevrouwen in 1955 op de muur van de Gasfabriek
aan de Blauwkapelseweg
(Foto J.W. Smaling - Het Utrechts Archief)


Maar de stad aarzelde en treuzelde en deed niets.

Niet weten wat je wilt en steeds worden ingehaald door de tijd, nieuwe inzichten en andere calamiteiten, dat zou nog jaren zo blijven doorgaan aan de Kleine Singel. Zullen we Tivoli ernaartoe verhuizen? Of een nieuwe hoofdpost van de Reinigingsdienst? Huizen dan? Een park misschien? Een sporthal?  Het werd een combinatie van de laatste drie, om te beginnen een ruig parkje met witte bruggetjes.

Dat er eigenlijk al die tijd helemaal niks anders had opgezeten dan niets doen, zou in 1980 duidelijk worden toen kinderen in dat parkje met een vat gingen spelen waar zwavelzuur in bleek te zitten. Dat was het begin van een pandemie die zich onder de oppervlakte had schuilgehouden. En  (hier volgt een samenvatting van twintig jaar soebatten, onderzoeken, demonstreren, inspreken en rapporteren): de immense verontreiniging was niet op te ruimen.


KELDER
Nu zit daar dus al twintig jaar een vijftig meter diepe schermwand in de grond die moet voorkomen dat alle rommel zich verspreidt. Het grondwater wordt ‘eeuwig’ bemalen. IBC heet dat: Isoleren, Beheersen en Controleren. Mooier is de definitie van Griftpark-vrijwilliger Rudolf de Bos Kuil: ‘De kat is in de kelder gemetseld’.

En zie nu wat er in die twintig jaar bovenop de horrorkelder tot stand is gebracht, door mensen als diezelfde Rudolf de Bos Kuil en parkbeheerders met een gedrevenheid waar geen honderd vaten zwavelzuur tegen opgewassen zijn.

 

6b6 Griftpark Angeliek vijver copy
Nergens zoveel stadsnatuur in Utrecht als in het Griftpark
(Foto Angeliek de Jonge)


Ringslangen, boomvalken, ijsvogels, hommels en vlinders. Paddenpoelen, zilverlindes, bloemenmuren, speeltuinen, natuurkernen. Het is boven de grond drukker dan ooit. 'Ik daag iedereen uit mij een plek aan te wijzen in Utrecht waar meer stadsnatuur is te vinden’, zegt parkbeheerder Wim Horst. 'Dan kom ik gewoon. Maar ik ben nog steeds hier.'

De gasfabriek was een continubedrijf, het ging dag en nacht door en heeft het park voorgeleefd hoe het moest. Wat u zegt: het borrelt en bruist er nog steeds. Hopelijk ook voor eeuwig. Bovengronds dan.



7. VROOM EN DREESMANN – WAAR IS IEDEREEN?

Vroom en Dreesmann staat op zeven, terwijl het eigenlijk niet gaat om één gebouw of één plek maar om een instituut, een icoon, een alom aanwezig monument van economische standvastigheid en onaantastbaarheid. Over V&D hoefde je nooit na te denken, dat was er gewoon, overal en altijd.


V&D heeft altijd vol goede zin door de stad gezworven, met de wind in de rug en de zon aan de hemel en in de hand een potje met vet dat op de tafel kon worden gezet. In Utrecht in 1898 begonnen als Magazijn De Zon op de Oudegracht/Stadhuisbrug, daarna verhuisd naar de Lange Viestraat (de woninginrichting bleef nog even op de Stadhuisbrug) om in 1973 te vertrekken naar het beloofde land op vijf meter boven het maaiveld: Hoog Catharijne waar de roltrappen altijd zouden draaien.  

 

HUA - Top 10 V&D hoofdfoto goed copy
De Lange Viestraat in de jaren veertig met als stralend middelpunt
Vroom en Dreesmann

 

Op de openingsfoto zien we Vroom en Dreesmann in 1940 in volle glorie op de Lange Viestraat, gezien vanaf de hoek met het Vredenburg. Een magistraal warenhuis met een eigen gezicht. Daarvoor was architect Jan Kuyt (1884-1944) verantwoordelijk die wegens gebrek aan vernieuwingsgezindheid in architectuurkringen niet in hoog aanzien stond, maar door het gewone publiek zeer werd gewaardeerd. Geknipt voor V&D dus.


VIESTEEG
De ooit smalle en benauwde Viesteeg, steeds verder opgerekt en verbreed, knapte enorm op van al dat glas en staal. En binnen troffen de Utrechters iets aan wat in de stad nog niet eerder was vertoond: roltrappen!

Het warenhuis zat meteen weer op de plek waar de meeste mensen kwamen winkelen. Of was het andersom en kwamen de mensen daar winkelen waar Vroom en Dreesmann zich vestigde. Tot eind 19de eeuw lag het zwaartepunt van het Utrechtse winkelgebied in de omgeving van de Choorstraat en de Zadelstraat. Begin 20ste eeuw verschoof dat richting Lange Elisabethstraat, Vredenburg en de Lange Viestraat. Daarna wachtte Hoog Catharijne. V&D was altijd van de partij.

 

HUA - Top 10 Lange Viestraat V&D vlak voor sloop copy
De Lange Viestraat in de jaren zeventig met de aangepaste gevel
van V&D (Foto Wim Uilenbroek - Het Utrechts Archief)

 

In 1973 was het hele zaakje naar Boven Clarenburg vertrokken en bleef de Lange Viestraat verweesd achter. De belangrijkste winkelstraat van Utrecht was ontzield. De kop van het beroemde achtje (Choorstraat-Steenweg-Lange Elisabethstraat-Lange Viestraat-Oudegracht-Bakkerstraat) ging eraf. Kreymborg was er nog, aan de overzijde had je The American Lunchroom van Van Angeren en op de hoek met de Oudegracht de Galeries Modernes. Maar allemaal waren ze – zoals later zou blijken – bezig aan hun laatste jaren.

 

HUA - Top 10 Sloop V& D foto copy
Utrechters kijken in 1974 toe hoe V&D aan de Lange Viestraat
wordt gesloopt
(Foto Wim Uilenbroek - Het Utrechts Archief)


In 1974 mochten de mannen van sloopbedrijf Venus aanvallen op V&D dat in de jaren zestig was voorzien van een spuuglelijke kunststoffen voorzetgevel. Half Utrecht liep uit. Venus-hoffotograaf Wim Uilenbroek stond er als altijd met zijn camera bovenop. Vanaf het dak van buurman Kontakt legde hij vast hoe Utrecht afscheid nam van V&D in de oude stad. Hij ziet het nog voor zich. ,,Al die mensen volgden met hun hoofd de sloopkogel, de beul’’, vertelt hij. ,,Die hoofden gingen maar heen en weer, alsof ze naar een tenniswedstrijd stonden te kijken. Een schitterend gezicht.’’

 

HUA - Top 10 V&D op HC foto copy
Vroom en Dreesmann op Hoog Catharijne Copyright DPG
(Foto Utrechts Nieuwsblad - Het Utrechts Archief)

HOOG CATHARIJNE
Utrechters bleven V&D op HC trouw, zo zijn ze ook wel weer. Wie op het station aankwam en naar de stad wilde lopen, had weinig keus. Rechtdoor tot aan je rechterhand Vroom en Dreesmann opdoemde en dan was je er. De Utrechters die een hekel bleven houden aan Hoog Catharijne, konden vanaf het Vreeburg met goed fatsoen nog net wèl naar V&D. Alsof je met een been in de koude zee ging staan en dan gauw weer terug.

 

HUA - Top 10 V&D slotakkoord copy
April 2016 Alles is weg
(Foto AD Utrechts Nieuwsblad - Angeliek de Jonge)

 

Dat ging gewoon zo nog een jaartje of veertig door. V&D was er, overal en altijd, daar hoefde je niet over na te denken. En toen gebeurde het. Retaildeskundigen hadden het al zien aankomen, maar de schok was groot toen Utrechters zichzelf terugvonden op een van de meest ontluisterende opheffingsuitverkopen aller tijden. Omgevallen paspoppen keken toe hoe te midden van rinkelende kledinghangers de allerlaatste herentrui van de hand werden gedaan. Op 15 april 2016 vielen de roltrappen stil.

Later bleek dat V&D al bijna dertig jaar een kwakkelend bestaan had geleid, ook toen het reeds naar de Rijnkade was verhuisd. Daar aan de Catharijnesingel zal het water straks nog verbaasd opkijken als het na vijftig jaar weer thuiskomt. Waar is iedereen?

 

8. HET ZANDPAD – DRIVE-IN PROSTITUTIE


Op nummer acht staat - of liever gezegd ligt - het Zandpad. Kunnen we hoog en laag springen dat de werven en de Oudegracht zo uniek zijn, maar er was nóg iets wat geen stad ter wereld ooit had gezien: een rosse buurt op woonboten waar je met de auto naartoe kon.

 

Zandpad2HUA - Top 10 Zandpad Marco Hofste copy
Het Zandpad in 1996, zichtbaar georganiseerder
(Foto Utrechts Nieuwsblad - Marco Hofsté)


Zonder in de gaten te lopen kon Iedere Utrechter je de weg wijzen: vanaf de Oudegracht almaar rechtdoor, langs het jaagpad zeg maar, je zag het vanzelf. Verderop aan de Vecht lagen ze dan, de legendarische woonboten. Vanaf de Rode Brug tot een paar honderd meter voorbij de Marnixlaan, waar je desgewenst zachtjes deinend aan je gerief kon komen.


Tot zeven jaar geleden. In 2013 werden ze wegens verdenking van mensenhandel allemaal in één keer gesloten. ‘Abusievelijk gesloten’ zoals exploitanten bozig met verf op alle veertig woonarken hadden gespoten.


De eerste hoeren aan het Zandpad waren in de jaren veertig huisvrouwen die in hun woonschepen bijklusten voor een zakcentje. Mits je niet op leeftijd lette, kon je er ook voor tien gulden terecht. Er bestaan historische geruchten - meer status mogen we er niet aan verlenen - dat het reeds in de oorlog op die plek allemaal is begonnen met Duitse soldaten die voorbij de Rode Brug heimelijk werden bediend.


PAUSHUIZE
Hoe dan ook had je bij de Rode Brug destijds de rand van de stad bereikt, daar begint van oudsher Sodom en Gomorra. Dat was in de tijd van de Romeinen al zo. Net buiten het Romeinse fort op het Domplein, ter hoogte van het huidige Paushuize, zijn recent kruiken gevonden voorzien van heftige ‘erotische poses’. Er zijn archeologen die op grond daarvan de stelling aandurven dat Paushuize is gebouwd op de restanten van een Romeinse bordeel. Onomstreden is de conclusie niet, maar gezien de plek is het tamelijk aannemelijk.


In de jaren zeventig zag de rand van de stad er langs de Vecht zo uit als op de kleurenfoto die vanaf de Marnixbrug is gemaakt. We zien het Zandpad dat toen nog niet was aangeharkt en waar iedereen nog een beetje eigen baas leek.

 

zandpad1
Het Zandpad in 1974. Op de achtergrond nieuwe bejaardenhuizen
van Overvecht
en de autosloperij van Van der Vaart
(Foto J.P. van Alff - Het Utrechts Archief)

Kijk alleen al naar de auto’s. Die rode sportwagen houdt het voor gezien en neemt de binnenbocht naar de Marnixbrug. De groene auto op de voorgrond rijdt links van de weg waarmee te hopen is dat de tegenligger zijn ogen goed op de weg houdt, iets wat op die plek niet vanzelfsprekend was. (De berg auto’s op de achtergrond heeft niks te maken met de talrijke aanrijdingen op het Zandpad, dat was gewoon de autosloperij Van der Vaart aan de Achttienhovensedijk).


SCHONE LAKENS
Nog in de jaren zeventig kon je een dame van plezier zelf de was zien ophangen aan het hek aan de overkant. Het mocht er dan allemaal een beetje armoedig uitzien, de lakens waren schoon, al moeten we ons maar geen illusie maken over hoe het er achter die loopplanken verder aan toeging.

 

zandpad 3HUA - Top 10 Zandpad Heil dame copy
Achter de schermen van het Zandpad. Martin Heil maakte in 1993/1994
een fotodocumentaire
in opdracht van de Stichting Fotografie Utrecht
(Foto Martin Heil - collectie SFU, Het Utrechts Archief)

De Utrechtse politieman Pieterse over het Zandpad in die periode: ,,Het was er een klerezooi. De vrouwen hadden een open toilet, geen waterleiding, wassen deden ze in een emmertje water, geen licht, sommige boten stonden op zinken. De vrouwen wilden toen telefoon. Je had toen een hele hausse van Surinaamse pooiers. Haagse gewelddadige pooiers plaatsten er meisjes die onder de prijs werkten. Utrechtse pooiers protesteerden. Toen is er een prostitutiebeleid gekomen.’’


ABUSIEVELIJK
Vanaf 1973 werd het Zandpad officieel gedoogd en kwamen er meer regels, het begin van gereguleerde prostitutie in Utrecht. Veertig jaar beleid kon niet voorkomen dat het allemaal langzaam maar zeker uit de rails begon te lopen. Mishandeling, uitbuiting, smeergelden, berovingen. In 2013 sloot oud-burgemeester Aleid Wolfsen het Zandpad wegens mensenhandel.


zandpad4acdj 2014-07-07acdj 2014-07-07IMG_9462
Abusievelijk gesloten! Het Zandpad in 2013
(Foto Utrechts Nieuwsblad - Angeliek de Jonge)


Daar is weinig abusievelijks aan, zou je zeggen, al liet de Utrechtse criminologe Prof. Dina Siegel weinig heel van de maatregel die ze 'overhaast en ondoordacht' noemde. ‘Sluiten van bordelen is sluiten van je ogen’, vond ze. ‘Prostituees zijn buiten het zicht van hulpverleners geraakt, verder is er niets mee opgelost’.


De zoektocht naar ‘schone prostitutie’ op een Nieuw Zandpad is officieel nog steeds gaande, al staat de huidige burgemeester Jan van Zanen er niet voor in dat het ook gaat lukken. Inmiddels is het veel oude woonarken gelukt uit het vak te stappen, ze leiden een nieuw leven als museumboot aan de Nijverheidskade of congrescentrum op de Vinkeveense Plassen.


Het alternatief, containers op 't droge dwars op het Zandpad naast de nieuwe rioolzuivering, is tot op heden gestrand. Geen exploitant die het einde van de loopplank heeft gehaald. Voorlopig is het Zandpad in schoonheid gestorven.


 

9. GALGENWAARD - HET LEGE STADION


Voor de zekerheid: het gaat hier over het oude, oude Galgenwaard van voor de oorlog. Dus niet het oude, nieuwe Galgenwaard dat in 1982 als eerste stadion ter wereld de droge (!) tankgracht introduceerde en snel werd vergeten nadat het was omgebouwd tot het nieuwe, nieuwe Galgenwaard dat er nu net zo leeg bijligt als zijn oudste voorganger.
Het eerste Galgenwaard dus, dat in de jaren dertig met bloed, zweet en tranen was gebouwd door tewerkgestelden in tijden van grote crisis. Er waren kantoorklerken die met zakken cement hadden moeten sjouwen, tot bloedens toe. Wie weigerde, verloor zijn steun. Zo'n stadion.


X150945-42525
Stadion Galgenwaard in 1936 vlak voor de officiële opening
op 21 mei
(Foto Gemeente Utrecht - Het Utrechts Archief)


Toen het werk klaar was, zagen we dit. Kijk hoe maagdelijk en vol verwachting het stadion vlak voor de opening in 1936 erbij lag. Volmaakte onschuld. Hier moest alles nog gebeuren. Tussen de twee lichtmasten, als staanders van een galg, kijkt de Domtoren vanuit de verte nieuwsgierig over de rand.
In dat Galgenwaard is de grote jongensdroom van honderdduizenden Utrechters begonnen. Een stadion waar je aan de buitenkant kon zien dat het eigenlijk een aarden wal was, rondom een kuil op een stuk land waar in de middeleeuwen de in de stad opgehangen wetsovertreders nog jaren bleven bungelen. Net zo lang tot ze vergaan waren. Slim om die naam te handhaven. Wie veel later op z’n voetbalschoenen naar Galghenwert kwam, was zijn leven niet zeker.


GEESINK
Wie daar niet allemaal hebben gespeeld? (Niet denken, nu zeggen!! ) ...Jan Groenendijk, Leo van Veen, Matthias Maiwald, Henk Wery, John Steen Olsen, Joop van Mourik, drs Johan Plageman, Wim van Hanegem, Ed van Stijn, Anton Geesink, Piet van Oudenallen, Tonny van der Linden…

 

HUA - Top 10 Galgenwaard Geesink
Olympisch kampioen Anton Geesink 8 november 1964 te gast in
een volgepakt Galgenwaard
(Foto L.H. Hofland - Het Utrechts Archief)


Beetje vreemd rijtje misschien… En wat doet Anton Geesink daar? Ja, dat was in 1964. Als je Olympisch kampioen bent geworden, kun je nergens ter wereld zo schitterend in je eentje met een bos chrysanten op de middenstip staan als in Galgenwaard. Het was volle bak. Ajax was op bezoek, dat speelde die dag de laatste wedstrijd zonder Johan Cruijff die een week later in Groningen tegen GVAV zou debuteren. Die heeft daar dus op 8 november 1964 op de bank gewoon naar Anton zitten kijken hoe het is om de beste van de wereld te zijn.


TONNY VAN DER LINDEN
En dan Tonny van der Linden, daar kon je als jongetje van tien in de oude Galgenwaard gewoon naartoe lopen. Je klom over het hek zonder tankgracht, liep naar de rand van het strafschopgebied tot vlak bij de benen van Tonny van der Linden, keek naar boven, riep om een handtekening en die kreeg je dan.


De oude Galgenwaard was uiteindelijk niet te redden. De Utrechters sloopten het op 20 april 1981 eigenhandig. Hoe dat moest, hoefde je ze sinds kasteel Vredenburg niet te vertellen, de hulptribunes werden als pannenkoekjes opgerold. De opvolgers konden overigens ook nooit veel meer dan 21.000 mensen ontvangen, al hoefden die niet langer op trappen te staan of op een krant op de wielerbaan te zitten.



HUA - Top 10 Galgenwaard Volle bak
Volle bak in de jaren vijftig. Dichterbij kon je niet komen
(Foto Frans Ferdinand van der Werf - Het Utrechts Archief)


En nu zijn we ineens terug bij af. In een vol stadion zitten of staan, in welk Galghenwert dan ook. Wisten wij veel dat we daar veertig jaar later een moord voor zouden doen.

 

 

10. PARK LUCASBOLWERK


Op tien zetten we de muziektent op het Lucasbolwerk. Niet alleen om de muziektent zelf, maar vooral om het park wat daarbij hoorde. Je kunt niet alles bewaren, maar toch. En het park staat voor al het groen dat de stad heeft prijsgegeven aan het steen.

 

TOP10 (1)


Kijk eens hoe schilderachtig tekenaar A. van de Pol in 1930 het parkje in zijn schetsboek had gevangen. Met grasmaaiende mannen erbij, een verwijzing naar Lucas Aertz die het bolwerk in de 17de eeuw huurde om er gras te maaien, kennelijk een reden meteen maar het bolwerk naar hem te vernoemen.

 

TOP 10 (2)


En hier een foto uit 1923, Utrecht in zijn zondagse pak. Lijn 2 komt aanrijden, maar zou er net zo lief voor altijd blijven staan. Het ijskarretje zonder klandizie zou wel eens een van de eerste karren van de piepjonge Guido de Lorenzo kunnen zijn. De oude, smalle Lucasbrug kon makkelijk al het verkeer verwerken, over de brug was er ook weer niet zo heel veel te beleven.

 

TOP 10 (3)


Fotograaf Frans Ferdinand van der Werf legde het Lucasbolwerk eind jaren dertig nog net op tijd vast voor het eraan zou gaan. Hij wachtte tot het terras van café-restaurant Flora op de voorgrond onbezet was.


DUDOK
Al deze verrukkelijke harmonie waar je zo naartoe kon lopen, was in het eerste oorlogsjaar verdwenen toen het park had moeten wijken voor de Stadsschouwburg van W.M. Dudok. Dat had trouwens niets te maken met de Duitse bezetters, die wisten niet beter dan dat het altijd zo geweest was.

De oude schouwburg op het Vredenburg stond op instorten en moest bovendien wijken voor de Jaarbeurs die daar een vast gebouw wilde hebben. Jaarbeursdirecteur Frits Fentener van Vlissingen schonk de stad een half miljoen gulden voor een nieuwe schouwburg en leverde er meteen een architect bij.

Deze Dudok duwde met zijn blanke gebouw het geliefde park van Jan David Zocher weg, je zou kunnen zeggen een van de eerste voorbeelden van stedenbouwkundige haast op de verkeerde plek. Van der Werf fotografeerde het nog maagdelijke gebouw in 1942  net zo aandachtig, zo was ie ook wel weer.

 

TOP 10 (4)


De Stadsschouwburg heeft er lang over gedaan de harten van de Utrechters te bereiken. Maar omdat het er al tachtig jaar staat - je zou het niet zeggen - zijn we er toch weer aan gehecht geraakt. Niemand die het nu nog weg zal willen hebben.•

 

 

 

 



<< terug naar overzicht