Harries hoekje

Elk stukje een worsteling


Zijn ‘kleine stukje’ op de achterpagina kost Harrie Thewessem (60) nogal wat tijd. Om preciezer te zijn: uren per dag, en dat soms veertien dagen lang. Schrijven valt niet mee, maar dit is ongewoon, zeker voor iemand met een academische opleiding.

 

Eind januari 2013 werd Harrie ziek. Een zware griep, dachten zijn vrouw Christine en hij. Op de derde dag bracht Christine, voordat ze naar haar werk ging, hem thee op bed. Toen ze aan het eind van de middag terugkwam was de thee onaangeroerd, en lag Harrie nog in dezelfde houding. Een virus had in een paar uur een gat gegeten in zijn linker hersenhelft.


 

De Harrie van voor 24 januari, de bedrijfsadviseur met een florerende eigen zaak, bestond niet meer. Van zijn korte termijn-geheugen bijvoorbeeld is vrijwel niets meer over. Bij het lezen of schrijven van de tweede zin van een tekst weet hij niet meer wat er in de eerste stond.
Twee jaar geleden zag hij in de deze krant een oproep om nieuwe redacteuren: ‘Wij hebben je nodig’, stond er. Met veel moeite ontcijferde hij de tekst. Thewessem: ‘Ik voelde me aangemoedigd. Er werd niets gevraagd over schrijfkwaliteiten. Met m’n nieuwe hersens wilde ik mijn nieuwe leven ontdekken. Maar ik dacht: als ik meteen zeg wie ik ben dan denken ze: wat moeten we daarmee? Een enorme puzzel vond ik het.’ Hij besloot een sollicitatiebrief te schrijven, met daarin een voorbeeld van zijn kunnen: een observatie uit zijn raam van een optocht aan de overkant van de singel. De brief arriveerde een maand na de oproep op de redactie. Al die tijd had hij er aan gewerkt. 

Rode kolom
Als iemand denkt dat hij een bijdrage kan leveren aan deze krant, dan is hij welkom. Dat is onze houding. Wij selecteren niet bij de ingang, maar we stellen wel eisen aan de artikelen en de foto’s die we publiceren. We willen nu eenmaal kwaliteit leveren. Elk nummer van de krant heeft een thema, en Harrie stelde voor dat hij zou proberen stukjes te schrijven die daarop betrekking hebben. Ruim op tijd leverde hij z’n eerste in en dat was zo aardig en apart dat we afspraken het op een bijzondere plek te zetten: in de rode kolom op de achterpagina, onder het gedicht van Oeke Kruythof. Sindsdien staan ze daar. Harrie bezoekt trouw de redactievergaderingen. Hij doet dat vooral om de sfeer te proeven en de mensen te zien, want de discussies kan hij niet volgen. Bijna elke keer zegt hij na afloop dat hij zo blij is dat hij kan meedoen met de krant. Het helpt hem enorm zijn weg te vinden in zijn nieuwe leven. Op de redactievergaderingen wordt altijd nagepraat over de laatstverschenen krant. Laatst zei iemand dat het beste stukje uit die krant dat van Harrie was. Wat een opsteker.

Uit de Binnenstadskrant nummer 1 2017

Geschreven door Dick Franssen
Fotografie © Sjaak Ramakers

--------------------------------------------------------------------------------------------

De stukjes van Harrie 

Diep verlangen 

Vrolijk stap ik uit bed.
De zon schijnt mijn slaapkamer in. Helder licht geeft zicht op de lente en de positieve kant van het leven.
De zon schijnt aanhoudend en lente wordt zomer.
Het blijft warm en soms zelfs benauwd. Ramen en deuren staan langer open.
Leven in het droge warme weer wordt langzaam vanzelfsprekend. Het voelt als saaie routine.
Waar ik na verloop van tijd weer vrolijk van wordt is...
REGEN! •

Poëzie in de krant
Literatuur in de Binnenstadskrant        
Dat is deze keer het onderwerp
Eén redacteur reageerde scherp
‘Ik wil ook de poëtische kant’

Leven en welzijn in onze stad
Wordt tot lezen en schrijven omgezet
De redactie trakteert zichzelf op de pret
Bij het betreden van dit creatieve pad

Dit proces vraagt om open luiken
Om in de kunst te kunnen duiken
De redactie bruist van verlangen

Het wordt een maand hard werken
Maar de schrijfvreugde is te merken
De redactie smult met rode wangen

Naar P.C. Hooft 

 

Nieuwkomers (2)
Je komt ze elke dag wel ergens tegen: baby’s. Meestal goed ingepakt en herkenbaar aan kinderwagen of draagzak.
Ze zijn onderweg in hun eigen wereld. Hun ouders, ontspannen slenterend of juist gehaast, bellen, appen of praten met wandelgenoten.
Niemand ontwikkelt zich sneller in het leven dan de baby.?Ouders willen graag laten zien dat dit vooral aan hen te danken is.
Het is hard werken voor beide partijen. Daarom ontspannen mama en papa in het park, in een druk sociaal leven, of ze maken gebruik van een crèche.
De pauzes in het werken als ouders zijn ook voor baby’s ontspannend. Even rust ervaren om daarna weer opgevoed te worden.
Van alle mensen die pas korts in de Binnenstad wonen, zijn de baby’s het meest herkenbaar. •


Maart 2018


Toekomstdroom?
Onze Binnenstad wordt weer rustig. ‘Groei’ krijgt een nieuwe betekenis. Deze vernieuwing komt op gang terwijl de huidige nog niet uitgebloeid is.?Nu groeit het winkelbestand nog, maar de variëteit neemt af.
Binnensteden lijken steeds meer op elkaar.?Station Utrecht Centraal is opnieuw uitgebreid. Meer mensen gaan met de trein naar hun werk.
Toch komt het alternatief steeds meer in zicht. Het is nu al zo dat winkels worden verplaatst naar internet. Hun bezorging doen ze samen. Veel van het bureauwerk wordt thuis uitgevoerd of in openbare ruimtes om de hoek. Het verschil tussen kantoor en huiskamer wordt kleiner.
In horecagelegenheden combineren bezoekers werk, koffie, eten en zakelijk contact. Bekenden kunnen ook gemakkelijk via internet gezien en gehoord worden. Op den duur is er steeds minder behoefte aan grote winkels en kantoren. Door de afname van het woon-werkverkeer kan het nieuwe station weer kleiner worden. Groei betekent nu minder omvang met meer inhoud. Minder kwantiteit, meer kwaliteit. •

December 2017


Oude tijden herleven

Steeds meer boodschappen worden thuisbezorgd. Je bestelt ze via internet. Heel efficiënt. Winkelen wordt nu een vrijetijdsbesteding. Slenteren door de stad, genieten van de sfeer en kopen op gevoel. Maar het is niets nieuws dat we voor onze inkopen de deur niet meer uit hoeven. Ik denk weleens terug aan de tijd dat de boodschappen ook al thuisbezorgd werden. De bakker, de slager en de melkboer kwamen bij ons aan de deur. Wie niet thuis was, hing een briefje op. Zuivelproducten werden voor de deur neergezet. De slager nam de bestelling op en bracht zijn waren tegen etenstijd, net als de bakker.

September 2017
 

‘Start-up’: creëer een nieuw leven!
‘Ik voel onrust in mijn hoofd, een drang naar verandering.
Mijn baan wordt saai en ik wil vooruit,
wil ontdekken.
Het verlangen naar ontwikkeling opent luiken.
Wensen en ideeën stromen naar binnen.
Een nieuwe baan is een te kleine verandering, de onrust vraagt om een grotere stap.
De openheid, het verlangen en de energie creëren de ‘start-up’ van een nieuw leven.


Juni 2017

 

Kerken, de mensen erachter
‘Naar de kerk gaan’ moest ik vroeger. In ieder geval elke zondagochtend, liefst nog vaker. Er is een foto waarop ik te zien ben als zesjarige. Je ziet me in een kostuum met korte broek, hand in hand met mijn ouders. Achter ons lopen mijn opa’s en oma’s. We komen de kerk uit na mijn eerste heilige communie. Die dag was een groot familiefeest. Enkele jaren later ging ik steeds meer met tegenzin. Het kerkbezoek werd geleidelijk een saaie routine. De moed om daar open in te zijn, groeide veel langzamer. In het begin van mijn puberjaren liep ik nog steeds met mijn ouders mee naar de kerk. Ze accepteerden het dat ik niet meer bij hen ging zitten, maar achteraan bij mijn leeftijdgenoten. Al snel gingen mijn vrienden en ik na het begin van de mis stiekem naar buiten om ons te verstoppen tot de kerk uitging. We hadden hier veel plezier om en wisten niet dat dit al snel gezien en geaccepteerd werd. We werden een concrete invulling van het begrip ‘kerken, de mensen erachter’.

Maart 2017

Persoonlijke ontdekkingstocht
‘Circulair.’ Ik begreep het niet, had er nog nooit van gehoord. Het duurde even voor ik me realiseerde hoe bijzonder dat is. Na het intypen van het woord in Google werd
mij meteen duidelijk dat ‘circulair’ een veelvoorkomend woord is. Het was voor mij een verrassende ontdekking. Ik vond een enorme hoeveelheid websites met studies, projecten en informatie, van overheid en bedrijven. In een woordenboek staat als uitleg van het woord ‘circulair’ dat een circulaire economie hetzelfde is als een kringloopeconomie. Een economie zonder afval, die draait om hergebruik. De woorden kringloop en hergebruik ken ik allang, maar golden lange tijd als alternatief en kleinschalig. Wat goed dat ze nu eindelijk modern en grootschalig worden.

Januari 2017


Buurman en buurman

Ik scheer me, kijkend in de spiegel.
Mijn spiegelbeeld wordt minder scherp als ik even ben afgeleid.
Hierdoor ontstaat het beeld dat ik door een raam naar een ander kijk.
Het lijkt wel een overbuurman.
Het zicht op de spiegel wordt weer helderder, maar de eerste indruk van een buurman blijft bestaan.
Hij kijkt me door het raam met een heldere blik recht aan, nieuwsgierig en kritisch.
Het is een uitdaging om met hem contact te hebben.
Ideeën over de invulling daarvan zijn er niet, maar de krachtige uitstraling blijft bestaan.
Wat geweldig om zo'n buurman te hebben.


November 2016


In beweging
Het is druk in het centrum. Het lijkt een file van voetgangers. Altijd opletten en om elkaar heen slingeren. Iedereen heeft z’n eigen richtingen en eigen tempo. Ze hebben niets met elkaar te maken. Ook de blik in de ogen en de lichaamshouding verschillen. Het is bijzonder dat er geen ongelukken gebeuren.
Ik maak regelmatig deel uit van deze wereld. Onvermijdelijk is dan het gevoel meegesleept en gedragen te worden door de drukte. Ik slinger bijna stuurloos naar mijn doel. Me overgeven aan de turbulentie is onvermijdelijk. Na het bereiken van mijn doel ga ik weer naar huis, nog een keer door die drukte. Dan biedt zich de stilte van straten, steegjes en hofjes aan. Een intens gevoel van rust en openheid.

 

September 2016


Wat ik wil
Ik wil veel in mijn leven handhaven, maar wat is ‘veel’? En wat kan ik beter niet handhaven? Het woord ‘handhaven’ zwabbert door mijn hoofd en roept allerlei gedachten op: Ik wil mezelf handhaven. Daarom moet mijn gezondheid gehandhaafd worden. Het handhaven van een actief leven is belangrijk. De saaie kant in mijn bestaan wil zichzelf handhaven. Daarvoor is het belangrijk om ook de dynamiek in mijn leven te handhaven. Maar daarbij moet ik wel de stabiliteit handhaven. Handhaven is een evenwicht tussen stilstaan en bewegen, en tussen pieken en dalen.

 

Juni 2016

 

Groen
Op het terras ligt, een tafel verderop, een tijdschrift met de titel 'Groen'. ‘Wat is dat voor een blad?’ vraag ik mijn vriend. Zijn reactie is een verbaasde blik. ‘Dat je dat niet weet. Groen is een visie. Je leven moet meer groen zijn.’ Hij wijst naar zijn voorhoofd. ‘En hier gaat het blad over. Begrijp je?’ Nu ben ik verbaasd. Ik begrijp er niets van. ‘Groen is een kleur,’ zeg ik, ‘en niet alles is groen.’ ‘Maar groen is ook een denkwijze, verlangen, inspiratie, zienswijze,’ is zijn weerwoord. En ik: ‘Veel bomen, struiken en voordeuren zijn groen.’ Hij: ‘Groen is een wens en misschien zelfs een noodzaak.’ Ik: ‘Groen zijn de bossen en parken.’ ‘Ja, dat is óók zo,’ zegt mijn maatje. ‘Daar begint het.’ We drinken zwarte koffie uit een wit kopje.

 

Maart 2016

 

Vrolijk lichtpunt
‘Hé jongen, niet doen. Kom hier. Blijf ervan af.’
‘Maar pappa, ik kan erop. Ik wil spelen.’
‘Nee jongen, dat mag niet, het is geen speelgoed.’
‘Het is toch een klim…’


Het is een beeld in speelse vormen, ogenschijnlijk betekenisloos.
Het is een menshoge opeenstapeling van grote, halfgevulde ballonnen, in elkaar gedeukt tot vormloze ruimtes.
Elke ruimte heeft een eigen, heldere kleur.
Het is een vrolijk lichtpunt in de somber-grijze omgeving van het station.


Januari 2016

 

Stadspark
Om heerlijk te lopen, of het nou slenteren is of hardlopen, ga ik naar het Zocherpark.
Vandaag slenter ik door het park en loop langs verliefde stellen, blowende jongens, bier drinkende mannen, groepjes vrienden en uitrustende mensen. Er zijn ook mensen die zigzaggend over het pad hun hond uitlaten en mensen die stevig doorlopen, op weg naar een afspraak. En verder zijn er de hardlopers, ieder in zijn eigen tempo. Het is druk om me heen. Ik slenter en laat me opnemen in de gevarieerde stroom parkbezoekers, maak deel uit van de bundeling van het leven in de Binnenstad. Het lange smalle park langs de Stadsbuitengracht bestaat al meer dan 150 jaar. Het beweegt met de tijd mee. De romantiek in het oude park is niet weg, maar wel een klein onderdeel geworden van de dynamiek van deze tijd. Ik kan er in elke stemming naartoe.

 

November 2015


Nieuw huis
Ik was op weg naar het hofje waar ik misschien zou gaan wonen. Doordat het verborgen lag achter een hoge poort, kon ik de sfeer nog niet meteen voelen. Eenmaal binnen werd ik getroffen door de schoonheid van het hofje. Vanaf het wandelpad zag ik een goed verzorgde, bloemrijke tuin met daaromheen de huisjes. De voordeuren zagen er uitnodigend uit. Ik voelde zoveel schoonheid, intimiteit en veiligheid dat tranen van geluk me in de ogen sprongen ...
Ik hoopte van ganser harte dat ik hier mijn nieuwe huis zou vinden.

 

September 2015


West-Berlijn
Ik ontmoette haar in de bar van Oudaen en we raakten in gesprek over vroeger. Zij herinnerde zich een voorval uit de jaren zestig. Ze werd door haar vader meegenomen, zogenaamd voor een ijsje.
‘Het was in West-Berlijn, in een café-restaurant op de derde verdieping. Van daaruit keken we over de muur tussen Oost en West. Die muur werd omzoomd door dikke rollen prikkeldraad en een brede, lege strook.'
'Mijn vader was naar West-Berlijn gekomen op de laatste dag dat hij met zijn gezin van Oost naar West kon vluchten, zijn hele familie en bezittingen achterlatend. Bijna elke dag kwam hij na zijn werk in dat café-restaurant. Hij was een hele tijd stil en keek met een doffe blik over de grens van West naar Oost. Hij nam mij ook in dat gevoel mee.’

(tekst geïnspireerd door Christiane Lorenz)

 

Juni 2015

 

Batterij
Mijn aandacht werd getrokken door een gevel die me nooit eerder was opgevallen. Het was een winkelgevel, maar ik zag niet meteen wat voor soort winkel het was. Wat me opviel, was een verzameling lampen, divers in maat en kleur, verspreid in de etalage. Ik deed een stap achteruit en zag een oud grachtenpand met een breed naambord boven het raam: 'Electro Service Utrecht'.
Het interieur van de winkel was niet te zien; in de ruit zag ik alleen de weerspiegeling van de winkel aan de overkant.
Zouden ze de batterij hebben die ik al een tijd zocht, maar nergens vinden kon? Met enige terughoudendheid opende ik de winkeldeur. Ik kwam binnen in een helder verlichte ruimte en werd meteen aangesproken door een vriendelijke man achter een brede toonbank. 'Wat kan ik voor u doen?'
Ik kon me niet voorstellen dat ik hier de batterij zou vinden waar ik al zo lang naar zocht. 'Ik heb een batterij nodig,' zei ik en haalde het voorbeeld uit mijn jaszak. Zonder één stap te zetten haalde de man van onder de toonbank de gewenste batterij tevoorschijn. 'Nog iets anders nodig?'

 

Maart 2015


Winkelpand
In een drukke winkelstraat lopen we langs een volledig lege ruimte. Verschillende kleuren aan de binnenkant, een strakke buitenkant, geen woorden. Geen herinnering aan de vorige gebruiker, geen idee van de volgende. ‘Weet je welke winkel hier was?’ vraagt mijn gezelschap. Ik weet het niet meer. Het werd gebruikt, maar door wie? En niet lang voor die tijd stond het ook al leeg en daarvoor werd het gebruikt, maar ook hier is de gebruiker uit de herinnering weg. Alleen de ruimte blijft in beeld. Leegstand is hier de meest stabiele factor.

 



<< terug naar overzicht