Utrechts straten

Waar laat ik dat ding veilig?

Wereldfietsstad wil Utrecht worden. Een stevige ambitie. De aantallen zijn nú al indrukwekkend: per dag rijden 125.000 fietsers door de Binnenstad. En allemaal hebben ze hetzelfde probleem als ze op hun bestemming zijn: waar kan ik dat ding veilig achter laten? Daar probeert Utrecht antwoord op te geven. Het aantal stallingsplekken is gigantisch. Rond CS zijn dat er alleen al ruim 23.000. Elders in de Binnenstad zijn dat er ook nog eens duizenden. •


Janskerkhof
Met een flinke vaart komt Karen de Groot aanrijden bij de pop-up fietsenstalling op het Janskerkhof. Ze is nog maar net uit het zwembad, de haren nog nat, en nu al weer op de fiets. Een stalling gebruiken is voor haar vanzelfsprekend. Voor boodschappen of bioscoopbezoek is het een uitkomst als je met fiets vanuit Hoograven naar de binnenstad komt. ‘Moet je eens zien wat een puinzooi het daar is.’ Ze wijst naar de kriskras neergekwakte fietsen aan de overkant van de straat: op veel plaatsen een stapel verwrongen ijzer. Met haar pasje met streepjescode aan de sleutelbos kan ze in alle stallingen terecht. En bewaakte stalling of niet, de fiets gaat wél op slot. •

Waar laat ik dat ding (1)


Stadhuis
Het gevoel van veiligheid, dat is de belangrijkste reden voor Monique Biesaart om haar fiets in een stalling te parkeren. Meestal die onder het oude stadhuis. Vandaag heeft ze onderweg al wat inkopen gedaan en toen de fiets even vastgezet aan een lantaarnpaal. Maar met die boodschappen in de fietstassen wil ze de fiets niet ergens onbeheerd neerzetten. Gelukkig is er dan de stalling. Ze maakt er vaak gebruik van, zeker als ze wat uitgebreider shopt. ‘Het is een prachtige stalling. Schoon, goede verlichting. Voor mij ideaal, zeker omdat ik bijna naast de deur woon.’ •


Waar laat ik dat ding (2)


Jansveld
Voor Sander Donze spreekt het voor zich om zijn fiets achter slot en grendel te zetten. Het is een Koga. Niet goedkoop. En dus heeft hij voor een paar tientjes per jaar een abonnement op de buurtstalling op het Jansveld, zijn eigen straat. De fiets is voor ritjes in de vrije tijd, want voor woon-werkverkeer gebruikt hij het openbaar vervoer. De fiets wordt maar een keer of twee, drie per week tevoorschijn gehaald. Maar het is wel een Koga. Dus in de stalling gaat ‘ie niet alleen op slot maar wordt ook nog eens met een extra ketting vastgezet.•

Waar laat ik dat ding (3)


Zadelstraat

Abdel Toutouh (50) werkt al 26 jaar bij U-stal, de instelling die veel stallingen beheert. De vestiging aan de Zadelstraat (178 plaatsen) is één van de locaties waar hij toezicht houdt. Hij begon er als student op zoek naar een tijdelijk baantje. Maar het werk beviel zo goed dat hij blééf. ‘Het contact met het publiek is enig. Alleen al een simpel ‘Goedemorgen’ kan een heerlijk begin van de dag maken.’ Een collega valt hem bij: ‘Mensen brengen wel eens een tompouce voor me mee als ze terugkomen van de markt, of een zak snoepjes. Gewoon omdat ze blij zijn met onze service.’ Ze zijn het eens: het fietsende publiek in Utrecht bestaat bijna alleen maar uit héél aardige mensen. •

Waar laat ik dat ding (4)


Een fotoserie van Gerard Arninkhof.

Uit de Binnenstadskrant nr. 2, 2020.


<< terug naar overzicht