Utrechts straten

Sterrenhof

In de rubriek ‘Straten’ besteden we een maand lang aandacht aan één straat in de Binnenstad. Wie woont er in de straat? En wat is de geschiedenis van de straat? Deze maand: Sterrenhof

Deel III Sterrenhof: Uitzicht op een lelijk beeld

Vanuit de Sterrehof hoef je maar de straat over te steken en je staat op het Vrouwe Justitiaplein. Op dit plein voor de rechtbank staan twee beelden. Links van de ingang van de rechtbank staat een bescheiden bronzen beeld van Vrouwe Justitia – als teken dat in dit gebouw recht wordt gesproken. En midden op het plein staat een beeld van… ja, van wat eigenlijk?

Het beeld lijkt nog het meest op een uit de kluiten gewassen been-met-voet. Maar dan in een vreemde kleur en met gele letters rondom. Het 24 meter hoge beeld is gemaakt door de Brits-Australische kunstenaar Nicholas Pope en werd in 2000 op het plein geplaatst.

 

De bewoners van de Sterrehof kijken elke dag op de sculptuur uit, maar wat het moet voorstellen weten ze eigenlijk niet. De eerste reactie: ‘Een fallus’. En daarna: ‘Maar ik hoop een been’. De gemeente Utrecht geeft op haar website een kunstzinnige toelichting op het beeld: ‘Het werk roept door zijn ranke, langgerekte vorm, plaatsing en schaal herinneringen op aan een (klassieke) zuil. Zijn antropomorfe uitstraling – vorm en roze kleur wekken de associatie met een menselijk been – geeft aan deze klassieke grondvorm een eigenzinnige interpretatie’.

‘Between Good and Evil’.


Dit maakt het niet veel duidelijker, maar de titel van het werk gelukkig wel. Het is op het eerste gezicht moeilijk voor te stellen, maar ook dit beeld heeft met de rechtbank te maken. De titel is ‘Between Good and Evil’ oftewel ‘Tussen Goed en Kwaad’. En als je de moeite neemt rond de hele sculptuur te lopen, lees je in de gele letters aan de top ‘Vrouwe Justitia’. Rest alleen nog de vraag wat dat been ermee te maken heeft.

Geschreven door Kirsty Westra

Deel II Sterrenhof: Dorp in de stad

Bea Groeneveld en Coen Pen wonen sinds 2008 in de Sterrenhof en behoren daarmee tot de oude garde van de nieuwe bewoners. Ze kochten een bouwval dat nog helemaal opgeknapt moest worden maar wonen nu in één van de grootste woningen van het hof. Een toevalstreffer, want de belangstelling voor de Sterrehof was zo groot dat de bewoners ingeloot moesten worden.

 

Coen en Bea beschrijven de Sterrehof als een mini-maatschappij of, misschien wel beter, een dorp in de stad. ‘Als je in een hof woont moet je elkaar leren kennen’, geeft Coen aan. Dat begon al in 2007, toen alle hofbewoners nog voordat zij verhuisd waren een gezamenlijke borrel hielden. Maar ook nu weten de buren elkaar nog te vinden. Elk jaar wordt gezamenlijk de kerstboom opgezet, er is eens per jaar een hofbarbecue en rond de Tour de France vond er zelfs een Grand Départy plaats.

 

Zulke gezamenlijke activiteiten zijn naast leuk ook nodig, want het hofleven kent ook verantwoordelijkheden. ‘Je bent wat meer afhankelijk van elkaar’, aldus Coen. Zo wordt de tuin gezamenlijk onderhouden en wordt bekeken wat er gezamenlijk gedaan kan worden om te voldoen aan de eisen die de monumentendienst aan de panden stelt. Daarnaast wonen de bewoners dicht op elkaar, en met de verschillende typen mensen die in de hof wonen is het belangrijk om de relatie goed te houden.

Coen en Bea.


Het dorpse gevoel van de hof maakt het ook een ideale plek voor kinderen om op te groeien, vindt Bea. Omdat de afstanden kort zijn en de sociale controle groot is, lopen de kinderen in en uit bij elkaar. Tegelijkertijd leren ze rekening te houden met de bewoners zonder kinderen – dus bijvoorbeeld geen lawaai op zaterdagochtend.

 

Buurvrouw Daphne beaamt dat een hof fijn wonen is voor kinderen. Het plantsoen voor de woningen is autovrij en levert een veilige speelplek op. Daarnaast is het plein voor de rechtbank een mooi verlengstuk van het hof.

 

Dat de Sterrehof ook nu nog populair is, blijkt wel uit het feit dat er weinig woningen te koop worden aangeboden. In de woorden van Coen: “Mensen wonen hier om te blijven.”

Geschreven door Kirsty Westra

Deel I Sterrenhof: Van armenhof tot monumentale oase 

Verscholen tussen de rechtbank, de Inktpot en het kantoor van de Belastingdienst ligt de Sterrehof, aan de straat Sterrenhof. Drie statige panden staan rond een plantsoen waar ‘s winters een grote kerstboom staat.

De gebouwen in het hofje zien er chic uit, maar waren oorspronkelijk bedoeld voor de armeren in de stad. Utrecht kende, net als andere steden, in de voorbije eeuwen veel armoede. Kerkgenootschappen zagen het als hun taak om voor hen te zorgen. De Liefdadige Vereniging van de Heilige Joseph stichtte de Sterrehof in 1873 om minderbedeelde gezinnen te kunnen huisvesten.

 

In 1973 verkocht de vereniging de panden aan de gemeente Utrecht. Toen woningcorporatie Mitros in 1992 zelfstandig werd, werd zij eigenaar van de Sterrehof. Daarmee brak een roerige tijd aan voor het nu zo rustige hofje. Mitros was van plan om de 28 monumentale woningen ingrijpend te renoveren en vervolgens te verkopen. Dat betekende dat de toenmalige bewoners, huurders en krakers de Sterrehof moesten verlaten.

Sterrehof


Maar niet iedereen ging vrijwillig weg. Om de laatste bewoners te laten vertrekken werden enkele rechtszaken gevoerd en moest bovendien één van de kraakpanden door de politie worden ontruimd. Begin 2006 verhuisden de laatste ‘oude bewoners’. In de tussentijd veranderde ook de omgeving van de Sterrehof ingrijpend. Het Academisch Ziekenhuis Utrecht (AZU) werd grotendeels gesloopt en vervangen door moderne appartementen. Langs het spoor verrezen kantoren.

In 2008 trokken de eerste ‘nieuwe bewoners’ in de gerenoveerde Sterrehof, dat nu uit veertien woningen bestaat. Een monumentale oase tussen alle nieuwbouw.

Geschreven door Kirsty Westra

 

 


<< terug naar overzicht