Utrechts straten

Massief metselwerk

De restauratie van de hoge muur van bolwerk Zonnenburg loopt volgens plan. Begin november kan de oostkant uit de steigers. Dan is daar geen gevaar meer van neerstortende stukken muur. Het gaat om een ‘voorzetmuur’ die in de negentiende eeuw als een schil tegen de verwaarloosde metersdikke zestiende-eeuwse bastionmuur is gebouwd.


Als je in het Zocherpark onderlangs de muur wandelde en omhoog keek, zag je een lappendeken van metselwerk dat op grote stukken wel twintig tot dertig centimeter uitbuikte. Waarschijnlijk was de voorzetmuur indertijd niet overal goed vastgemaakt aan de bastionmuur. Hij was bovendien gerepareerd met harde cementspecie waardoor insijpelend regenwater niet meer kon uitdampen, zodat de bastionmuur verweekte. Resultaat was dat de bastionmuur geen houvast meer bood. De voorzetmuur kwam los.


De eigenaar van de muur, het K.F. Heinfonds, heeft gekozen voor restauratie in twee zomers. Dit jaar de oostkant. Het werk wordt gedaan door restauratiespecialisten, vier hakkers en twee metselaars. De voorzetmuur is waar nodig weggehakt – de bastionmuur kon toen meteen drogen aan de lucht – en opnieuw opgemetseld en vastgemaakt aan de bastionmuur. De holle ruimten tussen de twee muren zijn opgevuld met massief metselwerk, en onder in de muur kan vocht uitdampen door ventilatieopeningen.


De voorzetmuur is hier losgekomen van de oude bastionmuur © Kateleine Passchier
           De voorzetmuur is hier losgekomen van de oude
bastionmuur © Kateleine Passchier


Zuidkant in 2020

Voor het herstel van de voorzetmuur zijn zoveel mogelijk de weggehakte bakstenen gebruikt. Dat bleken overigens hergebruikte bakstenen te zijn, afkomstig van een Gronings vestingwerk uit 1610 dat omstreeks 1880 werd gesloopt. De benodigde 2500 nieuwe bakstenen zijn op maat en op kleur gemaakt in een gespecialiseerde steenbakkerij. Bij het voegen, met kalkspecie, zijn hier en daar verticale voegen opengelaten om muurplanten een kans te geven.


De bocht in de muur hoeft niet te worden gerestaureerd. De begroeiing met bijzondere planten kan daar blijven. Apart onderdeel van de restauratie is de verbetering van de bestrating en de regenwaterafvoer bovenop bij de Sterrenwacht. Ook wordt daar, op het ‘geschutsbordes’, de hortus herkenbaar gemaakt die er in de zeventiende eeuw heeft gelegen – toen de universiteitstuin met medicinale planten. In het volgende voorjaar wordt de zuidkant van de muur onder handen genomen. De restauratiemetselaar heeft er zin in: ‘In zo’n oude muur kom je nog eens wat tegen. Krommingen, gaten, oud metselwerk in allerlei soorten. Perfect werk!’ •


Geschreven door Marijke Brunt.
Uit de Binnenstadskrant, editie 5 - 2019.


<< terug naar overzicht