Utrechts straten

Fotoserie: ‘Afwijkend vervoer’

Tuurlijk is de fiets het handigste vervoermiddel in de Binnenstad. Schoon, goedkoop, makkelijk te parkeren. Maar je zult maar een lichamelijk gebrek hebben. Dan is ie waardeloos. Dan ben je blij dat er alternatieven zijn. En als je grote spullen te vervoeren hebt heb je er ook niks aan. Dan moet je wat anders verzinnen. Dat gebeurt ook. Dus rijdt er in de Binnenstad van alles rond. Onze fotograaf Gerard Arninkhof ging op zoek naar al dat afwijkend vervoer.

Foto 1 

Bakfiets Puur Utrecht
Bij evenementenbureau Puur Utrecht zijn ze blij met de bakfiets die ze via Marktplaats op de kop hebben getikt (en natuurlijk in de eigen bedrijfskleuren hebben beschilderd). Want met én een kantoor op de hoek van de Oudegracht en de Korte Smeestraat én een vestiging verderop in een werfkelder is er veel transport heen en weer. Voor Steven van Koldenhoven, coördinator bij het bureau, is de bakfiets dan ook een prettige aanwinst. En ook nog goed voor de conditie.

Foto 2 

‘Gewone’ bakfiets
Met een mooie zwaai parkeert Martijn van Lindenberg zijn gehuurde bakfiets op de Oudegracht. Hij komt hem terugbrengen bij kringloopcentrum De ARM. Heeft net een bed opgehaald bij Ikea en thuis gebracht. Voor zo’n klus is de bakfiets ideaal. En goedkoop ook nog. Dat is belangrijk voor een student. Een bestelbusje kost al gauw vijftig euro voor een halve dag, de bakfiets vijf euro voor het eerste uur en 3,50 voor elk volgend uur. Of 15 euro voor een dagdeel. Koopje! Martijn blij.

Foto 3 

Canta
Ik tref Ada Harskamp in de winkel Sjofar in de Korte Elisabethstraat, voor christelijke boeken en cadeauartikelen. Ze staat te snuffelen tussen de ringen met een religieuze tekst. De Canta staat voor de deur. Dat kleine stukje de winkel in kan ze nog wel lopen. Ada lijdt al jaren aan de longziekte COPD. Ze heeft nog meer kwalen, maar is vol vertrouwen. ‘Er is er eentje die op me let,’ zegt ze en wijst naar boven. Ze is 65 en is sinds haar 35ste aangewezen op aangepast vervoer. Eerst was het een scootmobiel. Maar daar was ze bijna mee verongelukt omdat haar vingers in een kramp schoten en ze het handvat niet op tijd los kon laten om te remmen. Toen werd het een Canta. ‘Die brengt me overal waar ik zijn moet. Behalve in Hoog Catharijne. Maar voor dat soort gevallen heb ik ook nog een rollator achterin liggen’.

Foto 4 

Motor-bakfiets
Sommige buren vinden het een hinderlijke sta-in-de-weg. Maar Rutger Bartelsman (26) is verknocht aan zijn gemotoriseerde driewieler met laadvloer. Al was het maar omdat elk moertje en elk tandwieltje in de loop der jaren door zijn vingers is gegaan. Hij begon er aan te klussen toen hij veertien was. Hij heeft hem zelf helemaal opgebouwd met onderdelen die hij overal op de kop tikte. Het zadel is van een oude Harley, de motor van een gebruikte Honda etc. ‘Een ideaal vervoermiddel in de stad. Ik mag hem overal parkeren. En handig: een vriend is meubelmaker. Wat hij maakt breng ik naar de klant.’

Foto 5 

Segway
De segways van Wietse Schadenberg kun je overal in Nederland tegenkomen. Ook in Utrecht waar zijn bedrijf Segway Tour regelmatig rondritten organiseert. Hij moet het hebben van bedrijfsuitjes en andere evenementen. Het tweewielige zelf balancerende ding is populair. Wietse begon in 2010 met 10 segways. Inmiddels heeft hij er bijna vijftig. Groepen die met een segway op stap willen krijgen eerst instructie. En er gaat altijd een gids mee. Soms is het Wietse zelf of zijn vriendin Monique.

Foto 6 

Scootmobiel
Zelden zo’n opgewekt iemand in een scootmobiel gezien : Willem Brandenburg heeft MS en is daarom al negen jaar aangewezen op zijn voertuig. Maar hij lijdt er niet onder. Tijdens zijn regelmatige ritjes door de Binnenstad collecteert hij welgemoed voor een goed doel. Dat doet hij als voorzitter van de Scootmobiel Club Utrecht. Een kaart met legitimatie hangt om zijn nek. ‘Wij steunen vijf kleine kinderen die in een rolstoel zitten. Daar doen we leuke dingen voor. Uitstapjes naar de Efteling en zo. En dat kost geld.‘ Zijn club heeft 24 leden in Utrecht. En er zijn afdelingen in Den Haag en Amsterdam.


Fotografie en tekst Gerard Arninkhof.
Uit de Binnenstadskrant nummer 1, 2019.


<< terug naar overzicht