Meer onbekende gezichten

Het karakter van de Binnenstad verandert snel. Oude panden worden opgeknapt, verbouwd en gesplitst, bestemmingen wijzigen en er komt nieuwbouw bij. Ook veranderingen in de maatschappij beïnvloeden de ontwikkelingen in de Binnenstad: stellen gaan sneller uit elkaar, de doorstroming van bewoners wordt groter en de prijzen van huizen en huren vliegen omhoog… Bovendien verandert het economisch profiel van de Binnenstad: winkels verdwijnen, er komt meer horeca en er komen meer bezoekers. Voor de bewoners zijn het onzekere tijden.



Het inwonertal in de Binnenstad neemt de laatste jaren gestaag toe, van ruim 15.000 in 2001 tot 18.000 in 2017 (Na 2023 zal dit nog sneller gaan door de bouw van woningen in het Jaarbeursgebied.)


Door de grote vraag naar woningen en mindere behoefte aan kantoren binnen de singels worden kantoren omgebouwd tot woningen (o.a. Neude-flat). Ook is het tegenwoordig financieel interessant om van lege ruimtes, bijvoorbeeld boven winkels, appartementen te maken en om woningen te splitsen voor verhuur of verkoop. Voor splitsen is geen vergunning nodig als de waarde van het pand hoger is dan 305.000 euro. Hieraan voldoen veel panden binnen de singel.


De gesplitste woningen moeten een oppervlakte hebben van minstens vijftig vierkante meter. Dit geldt echter niet als een woning wordt afgebroken en er nieuwbouw voor in de plaats komt – dan mag het woonoppervlak kleiner zijn (in Waterstraat konden zo twee woningen plaats maken voor elf appartementen).


Tijdelijke huurders
Bij verhuizing naar een nieuwe woning verkopen sommige eigenaren hun oude huis niet, maar splitsen het om het vervolgens te verhuren. De huurders blijven vaak maar kort – voor weinig ruimte moeten ze veel betalen. Een andere factor, die het bewonersprofiel beïnvloedt, is het beleid rond sociale huurwoningen in de Binnenstad. Een deel van de woningen mag worden verkocht aan particulieren en ook mogen huren nadat een ‘sociale huurder’ is vertrokken meteen worden opgehoogd naar een marktconforme huur. Huurders met een lager inkomen verdwijnen op deze wijze uit de Binnenstad. Tijdelijke verhuur van woningen (airb&b, bed and breakfast, short stay) komt steeds meer voor. Vakantieverhuur in de vorm van bed and breakfast is voor omwonenden het minst vervelend. De verhuurder woont immers zelf (volgens de regels) in de woning waarin een ruimte wordt verhuurd en is dus direct aanspreekbaar en houdt zelf een oogje in het zeil. Bij airb&b is de verhuurder op het moment van verhuur niet thuis, dus niet bereikbaar voor omwonenden en soms helemaal niet meer bekend omdat de verhuur door een organisatie wordt geregeld. De verhuur is soms voor korte tijd, maar kan ook langer zijn, tot meerdere weken. Short stay houdt verhuur voor langere tijd in, van maanden tot een jaar, en levert de verhuurder minder op, maar kost hem ook minder moeite. Veel grote steden, niet alleen in Nederland, stellen regels op om dit soort verhuur te beteugelen en ook om toeristenbelasting op te eisen. De gemeenteraad besloot begin maart de regels voor airbnb en andere particuliere vakantieverhuur aan te scherpen. Aan de verhuur wordt een maximum gesteld van zestig nachten per jaar, om overlast te voorkomen en de leefbaarheid in de wijken te behouden.


Vreemden op de trap
Voor omwonenden is het moeilijk om achter tijdelijke verhuur van een woning te komen. Dit?zou alleen te controleren zijn als de verhuur via?een bureau verloopt dat haar gegevens ook aan de gemeente ter beschikking stelt. In een raadscommissievergadering werd opgemerkt dat er in Utrecht opmerkelijk weinig klachten over deze vorm van verhuur binnenkomen. Dit is voor sommige partijen aanleiding om minder strenge regels op te stellen. Amsterdam waar veel klachten zijn, stelt per 2019 de maximale termijn van verhuur op dertig dagen. Het gaat de bewoners echter meestal niet om overlast, maar om het feit dat men zijn buren niet meer kent. Dit is des te vervelender wanneer je in een pand met meerdere huurders woont en je steeds mensen op de trap tegenkomt die je je nooit eerder zag. Voor de buurt betekent het dat de sociale samenhang vermindert en dat er steeds minder mensen zijn die zich in hun buurt interesseren en willen meewerken aan een prettige woonomgeving. •



Geschreven door Ben Nijssen
Uit de Binnenstadskrant nummer 2, 2018

 

 


<< terug naar overzicht