Meer Utrecht in Centraal Museum

De Pieterskerk zat eind november vol nieuwsgierigen. De nieuwe artistiek directeur van het Centraal Museum Bart Rutten presenteerde zijn plannen en ideeën. Hij is sinds 1 mei in dienst en dit was de eerste keer dat het publiek met hem kon kennismaken. Rutten schetste zijn plannen met het museum enthousiast en in grote vergezichten, maar werd bij de les gehouden door een kenner van de Utrechtse kunstwereld en een museumdeskundige.


Rutten: ‘Het museum wil met elk initiatief meewerken, wil een verbindende factor zijn, een spil in beeldende kunst en vormgeving, een logische partner, een schakel tussen lokaal, nationaal en internationaal, en zo ook een hoger artistiek niveau halen.?We willen een stadsmuseum van wereldklasse worden.’ De nieuwe directeur prijst de veelzijdige collectie van het Centraal Museum, maar: ‘Niet alles wat we doen heeft met Utrecht te maken. We hebben ook mode en hedendaagse kunst. Alle facetten moeten flonkeren. Het museum moet op het netvlies van veel mensen komen.’

 


Een volle Pieterskerk met aandachtig
publiek voor Bart Rutten (foto: Luuk Huiskes)

 


De inrichting van het gebouwencomplex wordt duidelijker. De vleugel recht achter de ingang wordt helemaal bestemd voor ‘Utrecht’, en de L-vormige vleugel rechts van de ingang voor de eigen collectie, daar zullen altijd iconen te zien zijn als Rietveld, Moesman, Koch en de Utrechtse caravaggisten, in een wisselende omgeving. De stallen blijven bestemd voor losse tentoonstellingen.


De stad Utrecht krijgt meer ruimte. Dat is mogelijk door een grote gift van de Van Baaren Stichting in 2016. Rutten: ‘De stad wordt diverser. Het museum is er ook voor migranten. We zoeken hoe we hen kunnen bereiken’.


Verbouwingen

De organisatoren van de bijeenkomst hadden twee deskundigen gevraagd hun visie te geven op het museum en te reageren op Ruttens’ presentatie. Elaine Vis, kenner van de Utrechtse kunstwereld, noemde de lange lijst van andere Utrechtse kunstinstellingen – met wie gaat het museum samenwerken, en hoe? – en pleitte voor een goede relatie met de Utrechtse kunstenaars, voor het tentoonstellen van hun werk in de stallen. Ze riep Rutten op niet mee te gaan in de commercialisering en de festivalisering van de kunst.


Jelle Bouwhuis, oud-medewerker van het Stedelijk Museum, viel het op dat musea zich tegenwoordig eerder in de kijker spelen met hun verbouwingen dan met hun kunst. Musea zijn ooit in het leven geroepen om terug te kijken.


Bart Rutten reageerde dat er altijd ruimte voor Utrechtse kunstenaars in het museum zal zijn, dat het ook werk van hen blijft verzamelen. En wat betreft de diversiteit, het museum geeft niet alleen opdrachten, maar wil ook actief gebruikmaken van de kennis van de verschillende gemeenschappen die Utrecht bevolken. •


Geschreven door Marijke Brunt.

Uit de Binnenstadskrant nummer 1, 2018.


<< terug naar overzicht