Goede doelen dankzij kolenboer Hein

Armen worden uit het putje geholpen. Zangkoren kunnen blijven zingen. En monumenten blijven behouden. Karl Friedrich Hein (1867-1945) heeft Utrecht een zeldzame nalatenschap geschonken. Nog steeds zijn talloze sociale en culturele activiteiten mogelijk dankzij de steun van het K.F. Heinfonds.

Op 1 april is het 150 jaar geleden dat maecenas Hein werd geboren. Hij werkte in een harde sector, de kolenhandel, maar zijn erfenis liet hij ten goede komen aan de zachte krachten: maatschappelijk werk, kunst, cultuur, volksontwikkeling, volksgezondheid, natuur en monumenten.
Het K.F. Hein Fonds, gevestigd op de Maliesingel, is het grootste regionale fonds met de provincie als werkterrein. Ook de Utrechtse Binnenstad komt ruimschoots aan bod (zie kader). ‘We mogen jaarlijks 1,5 tot 1,8 miljoen euro uitgeven’, zegt Marlyne Stolker, projectadviseur bij het fonds. ‘Van de duizend aanvragen wordt zo’n zeventig procent gehonoreerd. Verder is ongeveer 400.000 euro bestemd voor individuele noden en studiebeurzen. Dat gebeurt op voordracht van het maatschappelijk werk. Wij kunnen niet achter de voordeur van de mensen kijken.’
Cultuursubsidies en dergelijke worden verstrekt op projectbasis. ‘We zijn allergisch voor aanvragen ten behoeve van de overheadkosten’, stelt Ronald Rommes, eveneens projectadviseur. Rommes heeft de geschiedenis van Hein en zijn fonds beschreven. Het is een glanzende carrière die ruw eindigt.

 

Lucratief
Karl Friedrich Hein vormde zijn kapitaal zo’n honderd jaar geleden. Geboren in Duitsland kwam hij in 1893 als klerk in dienst van de grote Duitse kolenhandelaar J. Balthazar in Arnhem. Omdat de Duitse kolenmijnen een kartel hadden gevormd, besloten de kolenhandelaren hetzelfde te doen. Balthazar stichtte in Utrecht met H. A. van Beuningen, de grootste Nederlandse ‘kolenboer’, F. H. Fentener van Vlissingen en enkele kleinere importeurs de Steenkolen Handels Vereeniging (SHV). Dat bleek een lucratieve stap te zijn. Hein verhuisde naar Utrecht en werd een van de SHV-directeuren. Rommes: ‘Hij was een van de best verdienende inwoners van Utrecht.’ Het hoofdkantoor van de SHV staat nog steeds op dezelfde plaats op de Rijnkade.

Tien jaar later verhuisde Hein naar het bosrijke Bilthoven. Hij was ongetrouwd en kon dus al zijn tijd besteden aan steenkolen en goede doelen. Hij steunde de dierenbescherming, de harmonie, de fanfare, een voetbalclub, het Rode Kruis, het Centraal Museum, de minder bedeelden. Hij leidde een teruggetrokken leven, maar was een verwoed paardrijder en golfer. In 1934 liet hij zich tot Nederlander naturaliseren. Dat had vooral praktische redenen, ofschoon meespeelde dat hij een duidelijke afkeer had van het opgekomen nationaalsocialisme in Duitsland. In 1944 werd zijn huis in Bilthoven gevorderd door de Duitsers en belandde Hein in een pension. De bosrijke omgeving is dan inmiddels veranderd in een maanlandschap, omdat alle bomen zijn gekapt ten behoeve van brandstof, zo schreef Hein. Het was zijn laatste brief. Begin 1945, vlak voor de bevrijding, kwam er een bruusk einde aan het leven van de voormalige kolenmagnaat. Kort nadat hij zijn bezit had overgedragen aan de K.F. Hein Stichting, werd hij door een Duits legervoertuig aangereden. Een maand later, 27 maart 1945, overleed Karl Friedrich Hein aan zijn verwondingen.



Zijn vrienden en hun nazaten beheren sindsdien zijn nalatenschap. Zo zit nog steeds een Van Beuningen in het bestuur van de stichting. Het kapitaal is inmiddels uitgegroeid tot (afhankelijk van de beurskoersen) veertig à vijftig miljoen euro.


Noodhulp
Ongeveer vijftien jaar geleden werd het fonds geprofessionaliseerd. Er kwamen projectadviseurs. ‘De tijd van grote fauteuils met dikke sigaren is achter de rug’, verzekert Marlyne Stolker. ‘We kunnen nu bewustere keuzes maken. Een groot deel van de subsidies gaat naar kunst en cultuur, terwijl we voor natuurbehoud nog weinig aanvragen ontvangen. Het is zaak dat we in die sector meer bekend raken.’


Op monumentaal gebied zette de stichting in 2000 een grote stap door voor honderd jaar de erfpacht van de Sterrenwacht Sonnenborgh van de gemeente over te nemen en het bolwerk te restaureren. Ook het pand van de VVV op het Domplein is eigendom van de stichting. Stolker: ‘We geven er de voorkeur aan om maatschappelijke instellingen te huisvesten.’
Voor de hulp aan onbehuisden is altijd geld geweest. Maar ook hier is professionalisering aan de orde. Het Heinfonds voert nu het secretariaat voor de Stichting Noodhulp Utrecht, waarin wordt samengewerkt met het Evert Zoudenbalch Huis en het fonds van de Ridderlijke Duitsche Orde Balije van Utrecht. Spoedeisende gevallen, zoals mensen die uit hun huis gezet worden, kunnen met deze noodhulp geholpen worden. Alles loopt via het maatschappelijk werk. Er is een verschuiving in de noodgevallen, constateert projectadviseur Daniëlle Sauren. ‘We zien nu dat niet alleen daklozen, maar ook mensen met een baan in financiële problemen komen.’•

Het K.F. Hein Fonds steunt/steunde Gilde, vrijwilligersclub voor rondleidingen taallessen, lezingen Altrecht, geestelijke gezondheidszorg: kerstviering met cadeaus Catharijnehuis dagopvang dak- en thuislozen STIL, hulporganisatie voor vluchtelingen en migranten zonder verblijfsvergunning Huize Agnes, opvang voor vrouwen zonder geldige verblijfspapieren, Theater Kikker, Talentenjacht voor Utrechtse bandjes, UtrechtDownUnder, Midzomergrachtfestival, Tweetakt, Internationaal Literatuurfestival, St Maartensparade Consoles onder de lantarenpalen, langs de grachten Tegeltableaus bij historische panden, Lumen: belichting van de Dom, Concerten in de Domkerk •

 

Uit de Binnenstadskrant nummer 1, 2017

Geschreven door Bert Determeijer
Fotografie door Saar Rypkema


<< terug naar overzicht