Fit en gezond in het park

Het Zocherpark is geliefd bij joggers. ‘s Ochtends vroeg al en ’s avonds laat nog kan je ze tegenkomen, hollend of duwend tegen een boom om de kuiten te rekken. Maar op zaterdagochtend is het helemaal prijs. Het is koud en grijs als om half tien een stuk of vijfentwintig vrouwen en mannen zich op het gras van het Lepelenburg verzamelen voor hun wekelijkse looptraining.

Er snerpt een fluitje en meteen daarna het commando Go!! Go!! Go!!. Bereidwillig zet de groep zich in beweging. Sommigen op marathonsnelheid, anderen kiezen voor een rustig drafje. Er vormen zich druk pratende paren. Na een rondje om het grasveld onderaan de Sterrenwacht klinkt weer een fluitje. Meteen gaat iedereen over op wandelpas, hijgt uit. Tot even later weer een fluitje klinkt.


Vlak daarvoor nog, bij de hond van Hekman aan het eind van de Nieuwegracht, stond de groep in een kring heel ingespannen te huppen. Zwarte leggings, paarse, gele, rode jacks, een paar blote knieën. Piet Callaars heeft de professionele leiding: ‘Zo gaat hun hartslag omhoog. Het is een echt vaste groep met heel verschillende niveaus. We begonnen vijftien jaar geleden, sommigen doen al vanaf de begintijd mee. Iedereen heeft zijn eigen tempo. De meesten zijn recreatieve lopers, maar er zijn ook een paar halve-marathonlopers bij.’
 

scherm© Gerard Arninkhof
© Gerard Arninkhof


Wandelaar in het park: ‘Die groep sporters? Leuk toch! Ik moet ook in vorm blijven. Ik ben een langeafstand wandelaar, elk jaar duizenden kilometers. Als ik ’s zaterdags brood ga halen bij de bakker neem ik een heel grote wandeling door het park.’


Het valt op dat de groep vooral uit vrouwen bestaat. Callaars: ‘Dat is niet zo gek. Vrouwen zijn bij de groep omdat ze het én goed – je blijft er fit en gezond bij - én gezellig vinden. Mannen hebben meer iets met gadgets, armbandjes. Zij maken zich druk over hun hartslag, tempo, calorieverbruik en noem maar op, kijken met GPS hoever ze al zijn gelopen. Ik heb aan een stopwatch genoeg.’


Piet Callaars bepaalt de route: ‘Het Zocherpark is vaste prik voor ons. Maar soms gaan we ook een stukje over straat, bijvoorbeeld via Karel V of naar de Maliebaan. Bij onze training in het park verplaatsten we ons steeds. We zijn niet langer dan zes minuten op één plaats. Dus echt overlast geven we niet. Het Zocherpark is ook lang zo druk niet met groepen sporters als bijvoorbeeld het Griftpark, en het leuke van de Binnenstad is dat we ook van elkaar dingen horen over de historie.’ Na afloop loopt de groep rustig pratend naar het huis van een van de deelnemers. Een paar keer per jaar drinken ze samen koffie. Piet Callaars tovert kannen koffie tevoorschijn en deelt dikke plakken cake uit.


Mevrouw met hondje in het park: ‘Die sporters? Dat vind ik maar niks, zo’n grote groep. Soms word je bijna opzij gelopen. Apart rennen, dat vind ik prima. Ik heb niets tegen rennen. Maar het zijn hier wandelpaden.’ •

Geschreven door Marijke Brunt.
Uit de Binnenstadskrant nummer 1, 2019.


<< terug naar overzicht