Binnenstad krijgt zusje

Tot ik dit stukje ging schrijven, wist ik niet dat de wijk Binnenstad over stations- en beursgebied heen reikt tot aan het Merwedekanaal. Voor mij was dat gebied een blinde vlek, met – buiten beurs, bus en trein – weinig vertier. Nu ik er sinds het nieuwe Stadskantoor vaker kom, ervaar ik hoe dynamiek en herrie zich naar ‘de andere kant’ van het Stationsgebied verplaatst hebben. De komende decennia verrijst hier een modern centrum als ‘contramal’ van de historische Binnenstad. Dat is nodig omdat Utrecht tot 2030 wil groeien van 330.000 naar 400.000 inwoners, de regiofunctie toeneemt, en nu al driekwart van de Utrechters aan de westkant van de stad woont.

De gemeente wil – volgens ambities uit de nota ‘Healthy Urban Boost’ – onder de werktitel ‘Beursgebied’ er ‘duurzame stadsverdichting’ ontwikkelen. Dit wil zij verwezenlijken op acht hectare grond die ze in 2023 van de Jaarbeurs krijgt in ruil voor een parkeerterrein aan de overkant van het Merwedekanaal. Tevens wil ze onder de werknaam Lombokplein het Westplein van verkeersplein omvormen tot verblijfsplein. In aanloop naar het aanbieden van de Structuurvisie aan de raad, zomer 2017, organiseerde de gemeente op 24 september een evenement. Driehonderd belanghebbenden bespraken hier aan de hand van zeven aangereikte thema’s de uitdagingen, vragen en dilemma’s. Hier een impressie van uw verslaggever.

 

Karakter
Voor Lombokplein ligt aansluiting bij het multiculturele, historische karakter van Lombok voor de hand, evenals verbinding met het nieuwe centrum, de doorgetrokken Leidsche Rijn en de historische Binnenstad. Het vernieuwde Jaarbeursplein en het geplande Beurskwartier moeten nog identiteit verwerven: gedurfd ontwerp, met inbegrip van publiekstrekkers, moet een dynamisch stedelijk centrum doen gedijen. Dit is de mogelijkheid bij uitstek om de krapbemeten historische Binnenstad van de immer uitdijende evenementen te ontlasten. Maar willen we wel naar ‘de overkant’ voor de Parade of de centrale warenmarkt?


Goed mixen
Stedelijke verdichting is niet enkel zo veel en zo hoog mogelijk bouwen, het streven is vooral een zo groot mogelijke variëteit aan wonen, werken en vermaak. Kleinschaligheid op het gebied van winkels – zowel op voorzieningenniveau als boetiekwinkeltjes – en horeca is favoriet. Er is behoefte aan veel woningen (2000 tot 4000), maar ook aan grote diversiteit: van dure dakappartementen tot sociale woningbouw. Maar welke verhouding is wenselijk, lonend en betaalbaar?



Verbinden

Auto’s moeten wijken. Fietsen en wandelen gaat over twee hoofdassen: een groene Croeselaan – zonder doorgaand autoverkeer – en diagonaal daarop de Centrumboulevard, de vermaaksas die van het Merwedekanaal via het Beurskwartier en station Utrecht Centraal naar het Vredenburg loopt. Een fijnmazig netwerk van groene water-, wandel- en fietsroutes verbindt het hele gebied. Een fietstunneltje vanaf de Nicolaas Beetsstraat en een waterbus die een rondje Singel, Leidsche Rijn en Merwedekanaal doet, maken de grens tussen de historische Binnenstad en het nieuwe centrum meer doorlaatbaar. Maar moeten huizen aan de Croeselaan gesloopt worden om het Beurskwartier met het spoorgebied en de Moreelsebrug te verbinden?

 

Ooghoogte
Fietsers en wandelaars moeten veel variatie ervaren. Als woningentrees, bevoorrading en blinde gevels naar andere niveaus worden gebracht, dan kan op de begane grond een voor passanten uitnodigende omgeving worden gecreëerd. Beperkte winkel- en horecagelegenheden kunnen zo afgewisseld worden met visueel aantrekkelijke groene openbare ruimtes en met publiekstoegankelijke werkplaatsen van beginnende ondernemers en kunstenaars. De vraag is hoe dat laatste te financieren.

 

Nul op meter
De hoge ambitie energieneutraal te worden, moet worden waargemaakt door vernieuwende toepassingen van energieopwekking en -besparing. Alle daken vol zonnepanelen levert slechts tot 30% van de energiebehoefte, en laat geen plaats meer voor stadslandbouw en daktuinen. Duurzaam moet, maar niet ten koste van verblijfsplezier. Als alternatief kan duurzame energie van buiten – bijvoorbeeld door aandelen in windmolenparken – betrokken worden. Maar is dat niet een ongewenste vorm van ‘afkopen’?

Gezonder
Duurzame ontwikkeling betekent ook een gezonder leefklimaat. Groen absorbeert CO2 en maakt mensen gezonder en vriendelijker. Groene fietsen wandelpaden verleiden tot beweging. Groene plekken en parken nodigen mensen – met verschillende achtergronden – ertoe uit elkaar te ontmoeten. Maar hoe de (sociale) veiligheid te waarborgen?

Meedenken
De gemeente moet leidinggeven en lef tonen, en burgers in staat stellen het nieuwe centrum mee vorm te geven. De afgelopen bijeenkomsten merkte ik dat witte, middelbare mannelijke professionals oververtegenwoordigd waren. Wie doorbreekt dat? Eind 2016 komt er weer een stadsgesprek. Informatie op www.cu2030.nl, of bezoek het Stadslab in het Stadskantoor. •

 

Uit de Binnenstadskrant nummer 5, 2016.

Geschreven door Onno Reichwein

Fotografie door Rop van der Lingen

 


<< terug naar overzicht