Bij de Dom waait het zonder wind

Wie bij hoogbouw van de fiets waait, doet er verstandig aan even de site van het Nederlands Normalisatie Instituut (NEN) te raadplegen. Want als de hoogbouw niet aan de bouwvoorschriften voldoet en daardoor windhinder ontstaat, is er een goede kans dat de gedupeerde in aanmerking komt voor een schadevergoeding.


‘Nederland is het enige land ter wereld dat een norm heeft vastgesteld voor windhinder door hoogbouw. In het buitenland kijken ze daar met enige jaloezie naar’, zegt hoogleraar bouwfysica dr. Bert Blocken. De windprofessor bestudeert aan de Technische Universiteit Eindhoven de relatie tussen bebouwing en wind. Zo heeft hij een grootschalig onderzoek geleid naar de effecten van de wind in de Rotterdamse haven. Mammoetschepen kunnen grote hinder ondervinden van grillig windgedrag. Ook sporters kunnen bij Blocken terecht. De Keniaanse afstandsloper Eliud Kipchoge liep in oktober als eerste ter wereld de marathon binnen twee uur, nadat Blocken in zijn windtunnel in Eindhoven de ideale formatie van de ‘hazen’, de meelopers van Kipchoge had berekend. Windval is het beruchte fenomeen, waar menig toren mee kampt. Het gebouw blokkeert de windstroom, waardoor deze zijn weg in diverse richtingen zoekt. Een deel van de stroom wordt naar de grond geleid en veroorzaakt daar stevige turbulentie. De bezoekers van het Domplein kunnen daarvan getuigen. Daar waait het zelfs als er geen wind is. Wie daar omwaait, heeft dubbele pech, want de Domtoren werd al iets eerder gebouwd dan 2006, het jaar dat de NEN-norm van kracht werd. Dan maakt een claim dus geen kans.


Overigens treedt windval alleen op als er variatie is in de bouwhoogte, stelt Blocken. ‘Als alle bebouwing dezelfde hoogte heeft, til je de wind als het ware op.’ Windval is dus niet een gevolg van extreem hoge bouw. ‘Je hebt geen grote verschillen nodig. Het gebeurt al als een gebouw twee verdiepingen hoger is dan zijn omgeving. En het gebeurt zelfs op een windstille dag.’ Blocken erkent dat de wind een tweeslachtig karakter heeft. Enerzijds geeft hij overlast, maar hij zorgt ook voor verkoeling. Bovendien is de wind onmisbaar om de stadsgassen te verdrijven. ‘Naarmate je meer windkering hebt, heb je meer luchtverontreiniging. Dat effect zie je ook bij bomen. Bomen geven verkoeling, maar daar blijft de luchtverontreiniging langer hangen.’ Stedenbouwkundigen doen er goed aan om straten die in de lengte van de overheersende windrichting liggen, met een knik te ontwerpen, zodat de wind gebroken wordt en er geen windtunneleffect ontstaat. De Voorstraat heeft in dit opzicht dus de ideale vorm. Dat was toeval. Ook de Oude Gracht heeft haar aerodynamische eigenaardigheden, ontdekte Guus Touker die een werfkelder bewoont. ‘Als de wind loodrecht op de gracht staat, krijg je toch een sterke wind, een windtunneleffect, over de gracht en onder de bruggen door.’ Utrecht heeft nog een middeleeuws centrum met smalle straten en weinig pleinen, die dus nauwelijks ruimte bieden aan de wind. Maar dankzij die middeleeuwen is er ook veel laagbouw, zodat de wind laag over de stad kan scheren. Is Utrecht de ideale windstad? Blocken: ‘Die conclusie laat ik voor uw rekening.’ •


Geschreven door Bert Determeijer.
Uit de Binnenstadskrant, editie 5 - 2019.


<< terug naar overzicht