‘Nieuwbouw moet passen bij de schaal van de stad’

Door Ton Verweij
Uit de Binnenstadskrant 1, 2021

 

Geregeld verschijnen nieuwe gebouwen in de Binnenstad. Hoe kijken architecten die een band hebben met het centrum hier tegenaan? Jan Bakers en Jaco de Visser aan het woord. Beiden hebben een uitgebreide opdrachtenportefeuille met werk door het hele land en in België.

 

Bij bouwplannen in de stad misten beide architecten in het verleden een consistente planologische visie bij de gemeente. Andere grote steden hadden meestal een duidelijke koers; in Utrecht ontbrak een langetermijnvisie. Dat leidde niet zelden tot incidentele oplossingen. Daardoor ontstonden volgens Bakers en De Visser soms ‘ongelukken’, werden bouwprojecten uit de grond gestampt die later weer in de weg stonden. Zoals de beddentoren van het WKZ, een grootschalige betonnen kolos binnen de fijnmazige omringende bebouwing. Ander voorbeeld: de Catharijnebaan, waar het water plaatsmaakte voor een stukje snelweg. Bakers en De Visser zien tegenwoordig gelukkig ook positieve ontwikkelingen zoals de transformatie van het Stationsgebied, inclusief de daar geconcentreerde hoogbouw. De Visser: ‘Het is jammer dat de gemeente zich vaak laat adviseren door stedenbouwkundige bureaus van buiten de stad. Deze missen over het algemeen het gevoel voor de schaal en de opzet van de Binnenstad; ze hebben een andere ontwerpopvatting. Lokale ontwerpers zijn geworteld in hun eigen stad en snappen beter hoe zij daar passend kunnen bouwen.’


Jaco de Visser (l) en Jan Bakers. Lokale ontwerpers snappen beter hoe zij passend kunnen bouwen. © Ton Verweij kopieJaco de Visser (l) en Jan Bakers. Lokale ontwerpers snappen beter hoe zij passend kunnen bouwen.
© Ton Verweij

Wonen in winkelstraten
Een groot probleem in de Binnenstad is leegstand van winkelpanden. Dat brengt voor de architecten soms een mooie opdracht mee, zoals de upgrading van het voormalig V&D-gebouw. Bakers: ‘Dat was een enorme klus, zo’n 34.000 m2 vloeroppervlak. Een gebouw dat technisch was achterhaald en geen goede aansluiting had met de omgeving, zoals de Rijnkade. Dat is nu een aantrekkelijk zonnig gebied geworden, ook door de singel die is doorgetrokken. Nu Hudson’s Bay failliet is, staat een groot deel leeg en wordt onderzocht of er kantoren kunnen komen. Onderzoek van de projectontwikkelaar heeft uitgewezen dat woningbouw om meerdere redenen niet haalbaar is’. Voor de leegstand in de winkelstraten hebben de twee architecten wel ideeën. Bakers: ’Een kleiner winkelgebied zal er waarschijnlijk niet inzitten maar we kunnen wel zoeken naar een andere invulling. Een idee is om wonen meer terug te brengen in het winkelgebied, zelfs op de begane grond. Je krijgt dan niet meer die aaneengeschakelde etalages, maar een afwisseling van functies; een soort Wijk bij Duurstede met winkeltjes en leuke zaakjes, met daartussen wat woonhuizen’. De Visser onderzoekt of hij ‘groen’ kan terugbrengen in plaats van ‘rood’ (bakstenen). ‘Door op achtererven gebouwtjes te slopen en bouwvolumes te stapelen als een soort achterhuis wordt het een open en aantrekkelijk gebied. De steegjes, achteromstraatjes en poorten worden verbonden. Dus niet alleen de mooie grachtengevels als decor, maar ook het gebied daarachter zichtbaar en leefbaar maken.’

 

'Goede mix'
Bakers en De Visser streven naar een goede mix van zowel betaalbare sociale woningbouw (zoals in de A.B.C.-straat komt) als ook dure appartementen (zoals bijvoorbeeld in de Vrouwjuttenhof).

 

De Visser ‘Het is dus belangrijk dat de gemeente een duidelijke visie heeft die ook luistert naar de structuur van de binnenstad.’ Een geslaagd voorbeeld vinden Bakers en De Visser de invulling bij de Mariaplaats van de (Belgische) architect Bob van Reeth. Hij heeft goed gekeken naar de oorspronkelijke bebouwingsstructuur. Het bijzondere werk van Utrechtse architecten is in het algemeen vaak minder zichtbaar en verborgen op binnenterreinen of achter de gevels.

 

Hoopvol
Bakers en De Visser zijn hoopvol, omdat de afgelopen tijd is gebleken dat de gemeente leert van fouten. Zo is iedereen ontzettend blij dat na 40 jaar water in de singel terug is. Zij vinden ook de aanpak van de gevelwanden van (voorheen) Galeries Modernes en C&A in de Lange Viestraat positief. Bakers: ‘Ook het hergebruik en de uitvoering van het oude postkantoor is om vrolijk van te worden’. De Visser: ‘Maar de architect moet wel de belegger overtuigen dat hij een paar m2 minder zou moeten realiseren voor een mooier of interessanter gebouw dat voor de Utrechters waardevol is. Dat is vaak een heel ‘gevecht’, maar dat hebben wij er graag voor over.’ •

 

Jaco de Visser, oud-bewoner van de Oudegracht, is bekend van zijn Centrum voor Verslavingszorg in de A.B.C.-straat. Hiermee sleepte hij in 2013 de Rietveldprijs in de wacht. Ook heeft hij jarenlang aan ‘Dom Under’ gewerkt.

 

Jan Bakers maakte naam met het ‘Zwarte huis’, zijn bureau op de hoek de Lange Nieuwstraat/ Vrouwjuttenstraat. Hij werd daarmee genomineerd voor de Rietveldprijs 2011. Onlangs heeft zijn bureau de oude V&D aan de Rijnkade verbouwd. Hij woont vlak bij zijn kantoor.


<< terug naar overzicht